Strafrecht overig

Onderzoek “Jasmijn”. HR: verdachte n-o, geen middelen ingediend.

Zaakgegevens

Op 19 april 2016 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 april 2016
Datum publicatie
11 mei 2016
Zaaknummer
14/06312
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:826
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Onderzoek “Jasmijn”. HR: verdachte n-o, geen middelen ingediend.

Procesgang

  1. Gerechtshof Den Haag · 21 november 2014

    ECLI:NL:GHDHA:2014:4613
  2. Conclusie A-G · 8 maart 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:336
  3. Hoge Raad · 19 april 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:826

    Conclusie gevolgd · Niet ontvankelijk

Uitspraak

Inhoudsopgave

19 april 2016

Strafkamer

Nr. S 14/06312

ES

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 21 november 2014, nummer 22/001594-08, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedatum] 1979.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn namens deze niet voorgesteld.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 april 2016.