Strafrecht overig
Profijtontneming. Met 16/00199 P; 16/00200 en 16/00201 samenhangende peek (OM n-o in cassatieberoep, geen…
ECLI:NL:HR:2017:1228 · Hoge Raad · 4 juli 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2017-1228
Zaakgegevens
Op 4 juli 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 juli 2017
- Datum publicatie
- 5 juli 2017
- Zaaknummer
- 16/00198
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:1228
Samenvatting
Profijtontneming. Met 16/00199 P; 16/00200 en 16/00201 samenhangende peek (OM n-o in cassatieberoep, geen middelen ingediend).
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 23 mei 2017
ECLI:NL:PHR:2017:590Hoge Raad · 4 juli 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:1228
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
Inhoudsopgave
4 juli 2017
Strafkamer
nr. S 16/00198 P
CeH/LBS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 11 november 2014, nummer 21/005507-13, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[A] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats].
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Middelen van cassatie zijn niet voorgesteld.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de Advocaat-Generaal bij het Hof in het beroep.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Nu het Openbaar Ministerie niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, zodat het Openbaar Ministerie in het beroep niet kan worden ontvangen.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het Openbaar-Ministerie niet-ontvankelijk in het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 juli 2017.