Strafrecht overig

Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 17/00076.

Zaakgegevens

Op 5 februari 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
5 februari 2019
Datum publicatie
18 februari 2019
Zaaknummer
17/04208
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:252
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 17/00076.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2016

    ECLI:NL:GHARL:2016:10589
  2. Conclusie A-G · 11 december 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:1505
  3. Hoge Raad · 5 februari 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:252

    Niet ontvankelijk

Uitspraak

Inhoudsopgave

5 februari 2019

Strafkamer

nr. S 17/04208

SLU

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 28 december 2016, nummer 21/007301-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn namens deze niet voorgesteld.

De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 februari 2019.