Strafrecht overig
Profijtontneming, w.v.v. uit mensenhandel. Berekening van de door betrokkene gemaakte kosten. HR: Middel…
ECLI:NL:HR:2024:1150 · Hoge Raad · 10 september 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2024-1150
Zaakgegevens
Op 10 september 2024 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 september 2024
- Datum publicatie
- 9 september 2024
- Zaaknummer
- 22/01640
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2024:1150
Samenvatting
Profijtontneming, w.v.v. uit mensenhandel. Berekening van de door betrokkene gemaakte kosten.
HR: Middel slaagt om redenen vermeld in CAG waarin verwezen wordt naar CAG in samenhangende strafzaak. CAG: Bij berekening van gemiddeld bedrag aan kosten per week heeft hof bedrag aan kosten dat volgt uit ontnemingsrapport gedeeld door 295 weken, terwijl in ontnemingsrapport kosten over 240 weken bij berekening zijn betrokken. Wijze waarop hof hoogte van de door betrokkene gemaakte kosten heeft berekend is derhalve niet zonder meer begrijpelijk.
Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 22/01648.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 25 april 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:1280Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 28 mei 2024
ECLI:NL:PHR:2024:574Hoge Raad · 10 september 2024deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2024:1150
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/01640 P
Datum 10 september 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 25 april 2022, nummer 23-000820-20, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985,
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam.
2 Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
Het cassatiemiddel richt zich tegen de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het klaagt onder meer over de berekening door het hof van de door de betrokkene gemaakte kosten.
Voor zover het cassatiemiddel hierover klaagt, slaagt het. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 11 waarin verwezen wordt naar de conclusie van de advocaat-generaal in de samenhangende strafzaak tegen de betrokkene met nummer 22/01648 onder 15, 17 en 18.
3 Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van de cassatiemiddelen voor het overige niet nodig.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 september 2024.