Strafrecht overig
Profijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Motivering schatting w.v.v. Is schatting w.v.v. d.m.v. het in…
Hoge Raad, 25 november 2025
ECLI:NL:HR:2025:1771 · Hoge Raad · 25 november 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2025-1771
Zaakgegevens
Op 25 november 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 november 2025
- Datum publicatie
- 21 november 2025
- Zaaknummer
- 24/02394
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1771
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Profijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Motivering schatting w.v.v. Is schatting w.v.v. d.m.v. het in strafzaak bewezenverklaarde witwassen toereikend gemotiveerd?
HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Hof en Rb hebben in bewijsmotivering niet uiteengezet wat precies wettelijke en feitelijke grondslag is voor voordeelsontneming. Evenmin hebben ontnemingsrechters uiteengezet welke logische gedachtegang schuilgaat achter vaststelling van omvang van voordeel dat is verkregen uit misdrijven die mogelijk feitelijke grondslag van voordeelsontneming uitmaken. Ontnemingsrechters hebben volstaan met te verwijzen naar (vele) pagina’s uit omvangrijk ‘politierelaas’, waarvan niet blijkt dat het is opgesteld door financieel specialisten. Overzicht van dat relaas heeft enigszins contouren van kasopstelling maar elementaire onderdelen daarvan ontbreken. Bovendien bevat deze opstelling verscheidene ongelijksoortige geldbedragen waarvan niet z.m. duidelijk is waarom zij hierin zijn opgenomen. Bewijsmotivering schiet tekort.
Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 24/02424, 24/02445, 24/02449, 24/02466, 24/02467, en 24/02506.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 20 juni 2024
ECLI:NL:GHSHE:2024:2069Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 augustus 2025
ECLI:NL:PHR:2025:893Hoge Raad · 25 november 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1771
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/02394 P
Datum 25 november 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 juni 2024, nummer 20-001215-21, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, teneinde in zoverre opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt dat de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel door middel van of uit de baten van het in de strafzaak bewezenverklaarde (gewoonte)witwassen, ontoereikend is gemotiveerd.
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 november 2025.