Strafrecht overig
Poging tot doodslag (art. 287 Sr), verkrachting (art. 242 (oud)), wederrechtelijke vrijheidsberoving (art…
ECLI:NL:HR:2026:89 · Hoge Raad · 27 januari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2026-89
Zaakgegevens
Op 27 januari 2026 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 27 januari 2026
- Datum publicatie
- 22 januari 2026
- Zaaknummer
- 24/03318
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:89
Samenvatting
Poging tot doodslag (art. 287 Sr), verkrachting (art. 242 (oud)), wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr) en poging tot zware mishandeling (art. 302.1 Sr) door in 2022 in Valthermond op brute wijze een vrouw te verkrachten, haar met snoer te wurgen en beitel richting haar hals te bewegen. TBS met dwangverpleging opgelegd.
HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 29 augustus 2024
ECLI:NL:GHARL:2024:5478Hoge Raad · 27 januari 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:89
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/03318
Datum 27 januari 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 augustus 2024, nummer 21-002658-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat J.B.A. Kalk een schriftuur ingediend.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 januari 2026.