Strafrecht overig
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van art. 80a RO.
ECLI:NL:PHR:2013:BY9128 · Parket bij de Hoge Raad · 22 januari 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2013-by9128
Zaakgegevens
Op 22 januari 2013 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 januari 2013
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 12/04155 J
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2013:BY9128
Samenvatting
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van art. 80a RO.
Procesgang
Hoge Raad · 22 januari 2013
ECLI:NL:HR:2013:BY9128Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 januari 2013deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2013:BY9128
Conclusie
Nr. 12/04155 J
Mr. Vegter
Zitting 18 december 2012
Standpunt/conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een beslissing van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 januari 2012. Er is tijdig een schriftuur houdende twee middelen van cassatie ingekomen.
2. Het eerste middel, dat klaagt dat het Hof de aanvulling van het verkorte arrest en het proces-verbaal van de zitting niet binnen de wettelijke termijn heeft opgesteld, stelt eisen die het recht niet kent. Op beide verzuimen staan immers geen wettelijke sancties. Het tweede middel komt tevergeefs op tegen de geenszins onbegrijpelijke motivering van de verwerping van het verweer dat alle bewijsmiddelen die door verbalisant [verbalisant] zijn verzameld moeten worden uitgesloten van het bewijs.
3. Het standpunt is dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het beroep in cassatie nu de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG