Strafrecht overig
Conclusie AG. Overleveringszaak. Opgeëiste persoon kan op grond van art. 29.2 OLW niet in zijn beroep worden…
ECLI:NL:PHR:2023:116 · Parket bij de Hoge Raad · 31 januari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2023-116
Zaakgegevens
Op 31 januari 2023 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 31 januari 2023
- Datum publicatie
- 26 januari 2023
- Zaaknummer
- 22/04236
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2023:116
Samenvatting
Conclusie AG. Overleveringszaak. Opgeëiste persoon kan op grond van art. 29.2 OLW niet in zijn beroep worden ontvangen. Conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. Samenhang met 22/04241.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 31 januari 2023deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2023:116
Hoge Raad · 21 februari 2023
ECLI:NL:HR:2023:257
Conclusie
Inhoudsopgave
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer22/04236 U
Zitting 31 januari 2023
CONCLUSIE
D.J.M.W. Paridaens
In de zaak
[opgeëiste persoon] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982,
hierna: de opgeëiste persoon.
Inleiding
-
De rechtbank Amsterdam heeft bij uitspraak van 26 oktober 2022 de overlevering van de opgeëiste persoon aan the Regional Court in Bydgoszcz, III Criminal Division (Polen) toegestaan wegens het in onderdeel e) van het Europees aanhoudingsbevel (EAB) omschreven feit.
-
Er bestaat samenhang met de zaak met nr. 22/04241. In die zaak zal ik vandaag ook concluderen.
-
Namens de opgeëiste persoon heeft L. Tricoli, advocaat te Alphen aan den Rijn, drie middelen van cassatie voorgesteld.
Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
4. Het EAB is op 4 april 2019 uitgevaardigd door de “Regional Court in Bydgoszcz, III Criminal Division” in Polen. Naar aanleiding daarvan heeft de officier van justitie op 12 december 2019 een vordering als bedoeld in art. 23 lid 2 Overleveringswet ingediend bij de rechtbank Amsterdam, waarover de rechtbank op 26 oktober 2022 heeft beslist. Aldus is de Overleveringswet in de onderhavige zaak van toepassing.
5. Nu op grond van art. 29 lid 2 Overleveringswet geen gewoon rechtsmiddel openstaat tegen de bestreden uitspraak van de rechtbank omtrent de overlevering van de opgeëiste persoon, kan hij niet in zijn beroep worden ontvangen. Aan de bespreking van de middelen kom ik daarom niet toe.
Slotsom
6. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG