Bestuursrecht overig

Het beroep richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de…

Raad van State, 13 februari 2026

Zaakgegevens

Op 13 februari 2026 heeft de Raad van State in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
13 februari 2026
Datum publicatie
13 februari 2026
Zaaknummer
202600488/1/A2
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:848
E-mail

Samenvatting

Het beroep richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Nijmegen van 6 februari 2026, waarbij het centraal stembureau de kandidatenlijst van NijmegenAnders! ongeldig heeft verklaard, onder meer omdat NijmegenAnders! onvoldoende geldige schriftelijke verklaringen van ondersteuning heeft ingeleverd en het bewijs van de betaling van de waarborgsom ontbreekt. De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.

Uitspraak

202600488/1/A2.

Datum uitspraak: 13 februari 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

NijmegenAnders!, gevestigd in Nijmegen,

appellante,

en

het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Nijmegen,

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 13 februari 2026 om 14:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzitter

Staatsraad mr. C.C.W. Lange, lid

Staatsraad mr. M.J.M. Ristra-Peeters, lid

griffier: mr. M.M. Engele

Verschenen:

NijmegenAnders!, vertegenwoordigd door [gemachtigde];

het centraal stembureau, vertegenwoordigd door W.P.J. Vos;

de Kiesraad, vertegenwoordigd door mr. M. Mangert.

Het beroep richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau van 6 februari 2026, waarbij het centraal stembureau de kandidatenlijst van NijmegenAnders! ongeldig heeft verklaard, onder meer omdat NijmegenAnders! onvoldoende geldige schriftelijke verklaringen van ondersteuning heeft ingeleverd en het bewijs van de betaling van de waarborgsom ontbreekt. 

Beslissing:

De Afdeling verklaart het beroep ongegrond.

Gronden:

1.       Vast staat dat op 5 februari om zeventien uur niet de op 3 februari geconstateerde verzuimen waren hersteld. Het gaat hierbij met name om onvolledigheid van instemmingsverklaringen, onvoldoende ondersteuningsverklaringen en het ontbreken van bewijs van betaling van de waarborgsom. Op 4 februari heeft het centraal stembureau tot elf uur à elf uur dertig onvoldoende gelegenheid geboden om ondersteuningsverklaringen in te leveren. Dit laatste brengt evenwel niet mee dat de hiervoor vermelde verzuimen uiterlijk op 5 februari om zeventien uur alsnog hersteld hadden kunnen en moeten worden. De strikte termijn van de Kieswet biedt geen ruimte om anders te beslissen.

w.g. Borman

voorzitter

w.g. Engele

griffier

1033