Bestuursrecht overig
Het verzet richt zich tegen de uitspraak van de Afdeling van 17 februari 2014 in zaak nr. 201400146/1. Bij…
ECLI:NL:RVS:2014:905 · Raad van State · 6 maart 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/mondelinge-uitspraak/ecli-nl-rvs-2014-905
Zaakgegevens
Op 6 maart 2014 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Gravenhage
- Datum uitspraak
- 6 maart 2014
- Datum publicatie
- 12 maart 2014
- Zaaknummer
- 201400146/2/A2
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Bestuursrecht overig
- Procedure
- Mondelinge uitspraakMondelinge uitspraakDe rechter doet direct aan het eind van de zitting uitspraak; die wordt vastgelegd in een proces-verbaal.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2014:905
Samenvatting
Het verzet richt zich tegen de uitspraak van de Afdeling van 17 februari 2014 in zaak nr. 201400146/1. Bij die uitspraak heeft de Afdeling het beroep tegen de weigering van de Kiesraad om een besluit te nemen ongegrond verklaard.
Uitspraak
201400146/2/A2.
Datum uitspraak: 6 maart 2014 AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: Awb) op het verzet van: [opposant], wonend te [woonplaats], tegen de uitspraak van de Afdeling van 17 februari 2014 in zaak nr. 201400146/1. Openbare zitting gehouden op 6 maart 2014 om 9:30 uur. Tegenwoordig:
Staatsraad mr. R.W.L. Loeb voorzitter ambtenaar van staat mr. M.R. Poot Verschenen:
[opposant], in persoon. Het verzet richt zich tegen de uitspraak van de Afdeling van 17 februari 2014 in zaak nr. 201400146/1. Bij die uitspraak heeft de Afdeling het beroep tegen de weigering van de Kiesraad om een besluit te nemen ongegrond verklaard. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. De Afdeling verklaart zich onbevoegd om van het verzet kennis te nemen. Daartoe overweegt zij het volgende. Ingevolge artikel 8:55, eerste lid, van de Awb kan een belanghebbende verzet doen tegen een uitspraak die vereenvoudigd is behandeld, als bedoeld in artikel 8:54 van de Awb. Het beroep van [opposant] is niet op die wijze behandeld. Tegen de aangevallen uitspraak kan derhalve geen verzet worden gedaan. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. w.g. Loeb w.g. Poot
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat 362-705.