Bestuursrecht overig

Het beroep richt zich tegen het besluit van de Kiesraad van 13 mei 2019, waarbij de aanduiding "PVAZ (Partij…

Zaakgegevens

Op 19 juni 2019 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Zittingsplaats
's-Gravenhage
Datum uitspraak
19 juni 2019
Datum publicatie
20 juni 2019
Zaaknummer
201904021/1/A2
Procedure
Mondelinge uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RVS:2019:1960
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Het beroep richt zich tegen het besluit van de Kiesraad van 13 mei 2019, waarbij de aanduiding "PVAZ (Partij Voor Alle Zaken)" uit het register voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement is geschrapt.

Uitspraak

201904021/1/A2.

Datum uitspraak: 19 juni 2019

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

Partij Voor Alle Zaken (hierna: PVAZ),

appellante,

en

de Kiesraad, handelend als centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement (hierna: het centraal stembureau),

verweerder.

Openbare zitting gehouden op 19 juni 2019 om 11:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. J.E.M. Polak    voorzitter

Staatsraad mr. N. Verheij    lid

Staatsraad mr. J.Th. Drop    lid

griffier: mr. M. Rijsdijk

Verschenen:

Het centraal stembureau, vertegenwoordigd door mr. P.A. Kingma.

===================================

Het beroep richt zich tegen het besluit van de Kiesraad van 13 mei 2019, waarbij de aanduiding "PVAZ (Partij Voor Alle Zaken)" uit het register voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement is geschrapt.

Beslissing

De Afdeling verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Gronden

-    Voor de ontvankelijkheid van het beroep dient een aantal formaliteiten in acht te worden genomen. Hierop is gewezen in de brief van 24 mei 2019.

-    De PVAZ heeft het verschuldigde griffierecht niet tijdig geheel voldaan.

Voor de betaling ervan heeft de PVAZ tot 11 juni 2019 de tijd gekregen. De PVAZ heeft het griffierecht voor een natuurlijk persoon betaald, terwijl zij voor het griffierecht van een rechtspersoon is gemaand.

-    [belanghebbende] heeft geen stukken ingediend waaruit blijkt dat hij gemachtigd is om namens de PVAZ beroep in te stellen.

-    [belanghebbende] heeft geen statuten van de PVAZ overgelegd, waaruit de rechtspersoonlijkheid blijkt.

w.g. Polak    w.g. Rijsdijk

voorzitter    griffier   

705.