Bestuursrecht overig

De rechtbank heeft per ongeluk de op de zaak betrekking hebbende stukken, die de korpschef met een beroep op…

Raad van State, 10 april 2026

Zaakgegevens

Op 10 april 2026 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
10 april 2026
Datum publicatie
16 april 2026
Zaaknummer
202402170/2/A3
Procedure
Mondelinge uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2129
E-mail

Samenvatting

De rechtbank heeft per ongeluk de op de zaak betrekking hebbende stukken, die de korpschef met een beroep op artikel 8:29 van de Awb heeft overgelegd, aan [wederpartij] doorgezonden. [wederpartij] heeft deze stukken vervolgens op zijn website gepubliceerd. De korpschef heeft de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening een ordemaatregel te treffen, die ertoe strekt [wederpartij] te verplichten om de publicatie van geheime stukken op zijn website te doen laten verwijderen en verwijderd te houden tot het moment waarop de Afdeling in einduitspraak heeft gedaan en als de Afdeling beslist tot gegrondverklaring van het hoger beroep en niet zelf in de zaak voorziet.

Uitspraak

202402170/2/A3.

Datum uitspraak: 10 april 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)) in het geding tussen:

de korpschef van de politie,

verzoeker,

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 29 februari 2024 in zaak nr. 23/744 in het geding tussen:

[wederpartij]

en

de korpschef.

Openbare zitting gehouden op 10 april 2026 om 14:00 uur.

Tegenwoordig:

Staatsraad mr. C.J. Borman, voorzieningenrechter

griffier: mr. A.G.L. Soetens

Verschenen:

De korpschef, vertegenwoordigd door mr. I. Middelbrink;

[wederpartij], vertegenwoordigd door mr. H. van Drunen, rechtsbijstandverlener in Utrecht;

[wederpartij] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank van 29 februari 2024.

De rechtbank heeft per ongeluk de op de zaak betrekking hebbende stukken, die de korpschef met een beroep op artikel 8:29 van de Awb heeft overgelegd, aan [wederpartij] doorgezonden. [wederpartij] heeft deze stukken vervolgens op zijn website gepubliceerd.

De korpschef heeft de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening een ordemaatregel te treffen, die ertoe strekt [wederpartij] te verplichten om de publicatie van geheime stukken op zijn website te doen laten verwijderen en verwijderd te houden tot het moment waarop de Afdeling in einduitspraak heeft gedaan en als de Afdeling beslist tot gegrondverklaring van het hoger beroep en niet zelf in de zaak voorziet, tot het moment waarop de korpschef een nieuw besluit op het verzoek heeft genomen en dat besluit formele rechtskracht heeft gekregen.

Beslissing

De voorzieningenrechter

I.        wijst het verzoek af;

II.       veroordeelt de korpschef van de politie tot vergoeding van bij [wederpartij] in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 934,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand;

Gronden:

De gevraagde voorlopige voorziening bevindt zich niet binnen het bereik van het door de rechtbank beoordeelde besluit, dan wel de na de rechtbankuitspraak genomen besluiten, die op grond van artikel 6:24 van de Awb gelezen in samenhang met artikel 6:19, eerste lid, van de Awb mede worden beoordeeld in de hoofdzaak.

w.g. Borman

voorzieningenrechter

w.g. Soetens

griffier

1072