Bestuursrecht overig
Bij besluit van 17 november 2009, kenmerk VROM/2009/14528, heeft de raad het bestemmingsplan "2e Herziening…
Raad van State, 8 juni 2010
ECLI:NL:RVS:2010:BM7713 · Raad van State · 8 juni 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rvs-2010-bm7713
Zaakgegevens
Op 8 juni 2010 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 juni 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 201001350/2/R3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2010:BM7713
Samenvatting
Bij besluit van 17 november 2009, kenmerk VROM/2009/14528, heeft de raad het bestemmingsplan "2e Herziening Buitengebied" vastgesteld.
Uitspraak
201001350/2/R3.
Datum uitspraak: 8 juni 2010
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoeker], wonend te [woonplaats],
en
de raad van de gemeente Nuth,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 17 november 2009, kenmerk VROM/2009/14528, heeft de raad het bestemmingsplan "2e Herziening Buitengebied" vastgesteld.
Tegen dit besluit heeft onder meer [verzoeker] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 5 februari 2010, beroep ingesteld.
Bij dezelfde brief als waarmee beroep is ingesteld heeft [verzoeker] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 20 mei 2010, waar [verzoeker], in persoon, en de raad, vertegenwoordigd door R.T.J. Stevens, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. [verzoeker] verzoekt om schorsing van het plan voor zover dit voorziet in een wijziging van het agrarische bouwblok op de gronden van [vergunninghouder] aan de [locatie] te [plaats]. Hij voert daartoe onder meer aan dat de uitbreiding van het agrarische bouwblok op het perceel met het kadastrale nummer 3835 in strijd is met het Provinciaal Omgevingsplan Limburg, omdat dit perceel ligt in de Ecologische Hoofdstructuur waar in beginsel geen nieuwe ontwikkelingen zijn toegestaan.
2.3. Ter zitting heeft de raad een brief van [vergunninghouder] overgelegd, waarin deze verklaart dat hij geen bouwvergunning zal aanvragen voor de uitbreiding van zijn agrarische bedrijf aan de Wissengrachtweg te Hulsberg voordat uitspraak is gedaan in de bodemprocedure. Gelet hierop bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat zich in afwachting van de behandeling van het beroep door de Afdeling onomkeerbare gevolgen zullen voordoen. Derhalve is niet gebleken van een spoedeisend belang dat rechtvaardigt dat in afwachting van het geding in de bodemprocedure een voorlopige voorziening wordt getroffen.
De voorzitter wijst het verzoek daarom af.
2.4. Nu de raad reeds op 18 mei 2010 op de hoogte was van de verklaring van [vergunninghouder], maar de raad deze verklaring pas ter zitting heeft overgelegd, ziet de voorzitter aanleiding om de raad op na te melden wijze in de proceskosten, bestaande uit reis- en verletkosten, van [verzoeker] te veroordelen.
3. Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. wijst het verzoek af;
II. veroordeelt de raad van de gemeente Nuth tot vergoeding van bij [verzoeker] in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 74,39 (zegge: vierenzeventig euro en negenendertig cent).
Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. N.I. Breunese-van Goor, ambtenaar van Staat.
w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Breunese-van Goor
voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2010
208.