Bestuursrecht overig

Bij besluit van 7 februari 2023 heeft de raad van de gemeente Lopik het bestemmingsplan "Eerste herziening…

Raad van State, 21 oktober 2024

Zaakgegevens

Op 21 oktober 2024 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
21 oktober 2024
Datum publicatie
18 oktober 2024
Zaaknummer
202203711/4/R4
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4208
E-mail

Samenvatting

Bij besluit van 7 februari 2023 heeft de raad van de gemeente Lopik het bestemmingsplan "Eerste

herziening bestemmingsplan Landelijk gebied". [verzoeker] betoogt dat het bestemmingsplan ook zou moeten zien op de percelen aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Lopik. Hij verzoekt de voorzieningenrechter om een voorziening te treffen die daarin voorziet.

Uitspraak

202203711/4/R4.

Datum uitspraak: 21 oktober 2024

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend in Lopik,

verzoeker,

en

de raad van de gemeente Lopik,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 7 februari 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Eerste herziening bestemmingsplan Landelijk gebied" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld.

[verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

[verzoeker] heeft een nader stuk ingediend.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 10 oktober 2024, waar [verzoeker] en de raad, vertegenwoordigd door mr. J. Oosterhof, zijn verschenen.

Overwegingen

1.       Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.       [verzoeker] betoogt dat het bestemmingsplan ook zou moeten zien op de percelen aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Lopik. Hij verzoekt de voorzieningenrechter om een voorziening te treffen die daarin voorziet.

3.       Het strekt te ver om een voorlopige voorziening te treffen die een plangrens van een bestemmingsplan wijzigt. Het treffen van een andere voorlopige voorziening baat [verzoeker] niet, omdat hij daarmee niet kan bereiken dat voornoemde percelen onder het bestemmingsplan zullen vallen. Het verzoek moet daarom worden afgewezen.

4.       De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. B. Meijer, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. V.H.Y. Huijts, griffier.

w.g. Meijer

voorzieningenrechter

w.g. Huijts

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2024

811