Bestuursrecht overig

[verzoeker] heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Midden-Nederland kantonrechter…

Raad van State, 27 augustus 2025

Zaakgegevens

Op 27 augustus 2025 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
27 augustus 2025
Datum publicatie
28 juli 2026
Zaaknummer
202503738/4/A2
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6458
E-mail

Samenvatting

[verzoeker] heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Midden-Nederland kantonrechter, standplaats Almere, kenmerk 11486411 MC EXPL 25-154, van 14 mei 2025. Ook heeft [verzoeker] de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen.

Uitspraak

202503738/4/A2.

Datum uitspraak: 27 augustus 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht(hierna: de Awb)) van:

[verzoeker], wonend in [woonplaats],

verzoeker.

Procesverloop

[verzoeker] heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Midden-Nederland kantonrechter, standplaats Almere, kenmerk 11486411 MC EXPL 25-154, van 14 mei 2025.

Ook heeft [verzoeker] de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1.       De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.

2.       Bij uitspraak van vandaag, nr. 202503738/3/A2 heeft de Afdeling op het hoger beroep beslist. Dus is er geen sprake meer van een geding. Daarom dient het verzoek als kennelijk ongegrond te worden afgewezen.

3.       Van proceskosten is niet gebleken.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. H. Benek, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. R. Klingers, griffier.

w.g. Benek

voorzieningenrechter

w.g. Klingers

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 27 augustus 2025

209-341