Omgevingsrecht
Omzettingen publicatie exploitatievergunning – individuele zaken
Rechtbank Amsterdam, 22 februari 2022
ECLI:NL:RBAMS:2022:1333 · Rechtbank Amsterdam · 22 februari 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/bestuursrecht/omgevingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbams-2022-1333
Zaakgegevens
Op 22 februari 2022 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 22 februari 2022
- Datum publicatie
- 21 maart 2022
- Zaaknummer
- AMS 21/1849
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2022:1333
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Omzettingen publicatie exploitatievergunning – individuele zaken
Procesgang
Rechtbank Amsterdam · 22 februari 2022deze uitspraak
ECLI:NL:RBAMS:2022:1333
Raad van State · 2 oktober 2024
ECLI:NL:RVS:2024:3975(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Raad van State · 2 oktober 2024
ECLI:NL:RVS:2024:3977(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 21/1849
uitspraak van de meervoudige kamer van 22 februari 2022 in de zaak tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder
(gemachtigden: mr. J. Bootsma, mr. S. van Heukelom-Verhage, mr. B.S. Jaasma en mr. M. de Wit).
Procesverloop
Bij besluit van 4 juni 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder de exploitatievergunning van eiser ambtshalve gewijzigd in een vergunning voor bepaalde tijd voor het vaartuig:
- [naam boot 1] met als einddatum 1 maart 2030;
- [naam boot 2] met als einddatum 1 maart 2028;
- [naam boot 3] (sloepvrienden) met als einddatum 1 maart 2024;
- [naam boot 4] met als einddatum 1 maart 2026;
- [naam boot 5] met als einddatum 1 maart 2026.
Bij besluit van 10 februari 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft in deze zaak en de zaken genoemd in de bijlage bij deze uitspraak een regiezitting gehouden op 22 april 2021, waarbij met partijen afspraken zijn gemaakt over het verloop van de procedure.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden van dinsdag 16 november 2021 tot en met 30 november 2021 in deze zaak en de zaken genoemd in de bijlage. De zaken zijn gezamenlijk behandeld. De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek in alle zaken gesloten. Eiser is daar vertegenwoordigd door [naam 1] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door bovenstaande gemachtigden.
De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.
Conclusie
1. De rechtbank stelt eiser niet in het gelijk.
2. De rechtbank heeft het beroep van eiser gelijktijdig behandeld met de beroepen van andere Amsterdamse reders voor passagiersvaart. Al deze reders komen op tegen de omzetting van hun exploitatievergunning passagiersvaart van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd. De reders hebben een aantal beroepsgronden gezamenlijk ingediend en tijdens de behandeling hebben de reders ook over en weer naar elkaars standpunten verwezen. De rechtbank heeft er voor gekozen de gezamenlijke standpunten te bespreken en te beoordelen in één enkele uitspraak. Bij uitspraak van 22 februari 2022 heeft de rechtbank geoordeeld dat de omzetting van de exploitatievergunning van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd niet in strijd is met het geschreven of ongeschreven recht. Voor alle gezamenlijke gronden en het oordeel daarover, verwijst de rechtbank naar die uitspraak. De uitspraak is bijgevoegd en maakt onderdeel uit van deze uitspraak.
Feiten en omstandigheden
Bij besluit van 4 november 2013 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 3] . Het vaartuig valt onder het segment bemand open. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd.
Bij besluit van 29 maart 2016 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 5] . Het vaartuig valt in het segment bemand open. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd.
Bij besluit van 29 maart 2016 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 4] . Het vaartuig valt in het segment bemand gesloten. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd.
Bij besluit van 25 oktober 2017 heeft rederij Lovers een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 6] . Het vaartuig valt in het segment bemand gesloten. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. Bij besluit van 30 november 2018 is de exploitatievergunning overgezet naar eiser. Bij besluit van 7 december 2018 is de vergunning gewijzigd door het vervangen van het vergunde vaartuig [naam boot 6] voor het nieuwe vaartuig [naam boot 1] .
Bij besluit van 13 februari 2018 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 2] . Het vaartuig valt in het segment onbemand. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd.
Individuele gronden
4. Op 26 maart 2021 heeft de rechtbank de gronden van beroep van eiser ontvangen. In het verweerschrift en in het dupliek is het college ingegaan op deze gronden. De aangevoerde gronden komen overeen met die in de hiervoor aangehaalde uitspraak van 22 februari 2022.
Conclusie
5. Het beroep is ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.H. Waller, voorzitter, en mr. M.F. Ferdinandusse en mr. S.D. Arnold, leden, in aanwezigheid van mr. J.C.E. Krikke en mr. T. van Soldt, griffiers. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 februari 2022.
griffier
voorzitter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen of wijzigen van een bij deze uitspraak getroffen voorlopige voorziening.
BIJLAGE 1 – OVERZICHT ZAAKNUMMERS
Gemachtigde: Adviesburo Monster, mr. J. Monster
|
21/776 |
[naam 2] |
|
21/777 |
Arviro b.v. en B.S.V. Amsterdam |
|
21/778 |
Demi Trading B.V. |
|
21/779 |
De Rederij c.v. |
|
21/780 |
[naam 3] |
|
21/781 |
Flagship Amsterdam V.o.f. |
|
21/782 |
Indysign B.V. |
|
21/783 |
Luxe Boten B.V. |
|
21/784 |
Rederij Mokum B.V. |
|
21/785 |
Mokumboot B.V. |
|
21/786 |
Mokumboot B.V. |
|
21/787 |
Rederij Friendship v.o.f. |
|
21/788 |
[naam 4] |
|
21/799 |
R.K. Management Beheer B.V. |
|
21/790 |
Starboard Boats B.V. |
|
21/791 |
[naam 5] |
|
21/792 |
[naam 6] |
|
21/793 |
[naam 7] |
Gemachtigde: AKD, mr. E. Dans
|
21/1701 |
Stromma Holland B.V. Stromma Nederland B.V. Canal Bus B.V. Canal Rondvaart B.V. Meijers Rondvaarten B.V. |
Gemachtigde: jhr. mr. A.R.Ph. Boddaert
|
21/1502 |
[naam 8] |
Gemachtigde Van Doorne N.V., mr. C.W. Kniestedt, mr. A. Vegt
|
21/1699 |
Reederij P. Kooij B.V. Reederij E.E. Plas B.V. Beleggingsmaatschappij P. Kooij B.V. [naam 9] |
Gemachtigde: Duijn Bloem Voss Advocaten, mr. M.S.F. Loor
|
21/1767 |
Amsterdam Sloep Huur V.o.f. |
Gemachtigde: LNW advocaten, mr. P.A. Willemsen
|
21/845 |
[naam 10] |
|
21/846 |
[naam 11] |
|
21/847 |
[naam 12] |
|
21/848 |
[naam 13] |
|
21/849 |
Sinta B.V. [naam 14] [naam 15] [naam 16] [naam 17] [naam 18] [naam 19] |
Gemachtigde: ngnb advocaten, mr. A.B. Blomberg
|
21/1695 |
[naam 20] |
Gemachtigde: mr. P. Nicolaï
|
21/1642 |
Amsterdam Boat Events B.V. |
|
21/1643 |
[naam 21] |
|
21/1644 |
Rederij Amsterdam B.V. Amsterdam Boats B.V. RAAB B.V. |
|
21/1645 |
[naam 22] Adeline B.V. Salonboot Dame van Amstel B.V. Emmerik & Vellekoop Holding B.V. |
|
21/1646 |
Rederij Belle B.V. |
|
21/1647 |
Smidtje Holding B.V. |
|
21/1648 |
Smidtje Beheer B.V. |
|
21/1649 |
[naam 23] |
|
21/1650 |
[naam 24] [naam 25] |
|
21/1651 |
De Kleijn Amsterdam B.V. CBD |
|
21/1652 |
[naam 26] |
|
21/1653 |
De Muze B.V. CBD Holding |
|
21/1654 |
[naam 27] |
Gemachtigde: mr. C. Post
|
21/1523 |
[naam 28] |
Gemachtigde: Six Advocaten, mr. I. van den Berg
|
21/1447 |
[naam 29] |
|
21/1448 |
V.O.F. JoMart |
|
21/1449 |
[naam 30] |
|
21/1450 |
[naam 31] |
|
21/1452 |
Rederij Aemstelland B.V. |
|
21/1453 |
Paradis Private Boat Tours B.V. |
|
21/1454 |
Amsterdamse Salonboot Rederij B.V. |
|
21/1456 |
[naam 32] |
|
21/1457 |
[naam 33] |
|
21/1459 |
[naam 34] |
|
21/1460 |
[naam 35] |
|
21/1461 |
[naam 36] |
|
21/1462 |
[naam 37] |
|
21/1463 |
De Wolfsburght B.V. |
Gemachtigde: Stek Advocaten, mrs. R. Elkerbout, Z. van den Bosch en L. Bremmer
|
21/1364 |
[naam 38] [naam 39] Rederij Nassau B.V. [naam 40] Amsterdam bootverhuur B.V. [naam 41] |
Gemachtigde: Wieringa Advocaten, mrs. S. Levelt en L. Tellegen
|
21/1737 |
[naam 42] Smidtje Exploitatie B.V. New Orange B.V. Rederij Lovers B.V. |
|
21/1307 |
Boat2Go B.V. |
Procedeert zelf
|
21/1770 |
Sloepdelen B.V. Adam’s Boats B.V. |
|
21/1635 |
Boaty B.V. |
BIJLAGE 2 – UITSPRAAK VAN 22 FEBRUARI 2022