Arbeidsrecht
verzoek om herstelbeschikking afgewezen
Rechtbank Amsterdam, 10 november 2022
ECLI:NL:RBAMS:2022:7480 · Rechtbank Amsterdam · 10 november 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/civiel-recht/arbeidsrecht/beschikking/ecli-nl-rbams-2022-7480
Zaakgegevens
Op 10 november 2022 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 10 november 2022
- Datum publicatie
- 13 december 2022
- Zaaknummer
- C/13/716521 / HA RK 22-113-HB
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2022:7480
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
verzoek om herstelbeschikking afgewezen
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rolnummer: C/13/716521 / HA RK 22-113
Beschikking van 10 november 2022
in de zaak van
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
advocaat mr. T.R. Bosker te Rotterdam
en
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
verweerster,
advocaat mr. J. Croonen te Utrecht.
1 Het verzoek tot verbetering
Bij brief van 3 november 2022 is de rechtbank namens [verzoeker] verzocht om verbetering van de op 28 oktober 2022 in deze zaak gegeven beschikking, in die zin dat de datum van de ontbinding wordt gewijzigd naar 1 december 2022.
De rechtbank heeft [verweerster] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij e-mailbericht van 7 november 2022 heeft mr. Croonen namens [verweerster] aan de rechtbank laten weten tegen inwilliging van dat verzoek het volgende bezwaar te hebben. Er is geen sprake van een kennelijke fout. Dat volgt onder andere uit het feit dat meerdere malen in de beschikking wordt vermeld dat per 1 november 2022 zal worden ontbonden.
2 De beoordeling
De rechtbank is van oordeel dat in de beschikking van 28 oktober 2022 geen sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. Dit volgt uit het feit dat de datum 1 november 2022, in verschillende rechtsoverwegingen als datum van ontbinding wordt genoemd en daaraan verschillende consequenties worden verbonden. De rechtbank zal het verzoek dan ook afwijzen.
3 De beslissing
De rechtbank
wijst het verzoek om verbetering van de op 28 oktober 2022 tussen verzoeker en belanghebbende gegeven beschikking af.
Deze beschikking is gegeven door mr. L. Voetelink en in het openbaar uitgesproken op 10 november 2022.