Burgerlijk procesrecht
Vonnis in incident (223 Rv). Voorlopige voorzieningen afgewezen. Onvoldoende onderbouwd dat bodemzaak niet…
Rechtbank Amsterdam, 16 september 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:10286 · Rechtbank Amsterdam · 16 september 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbams-2026-10286
Zaakgegevens
Op 16 september 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 16 september 2026
- Datum publicatie
- 19 oktober 2026
- Zaaknummer
- C/13/785287 / HA ZA 26-282
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. S.T.M. Terpstra, mr. J.P. van den Brink
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2026:10286
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vonnis in incident (223 Rv). Voorlopige voorzieningen afgewezen. Onvoldoende onderbouwd dat bodemzaak niet kan worden afgewacht. Vorderingen tot herroepping notice & take down claims en versturen van rectificatie lopen te veel vooruit op hoofdzaak.
Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/785287 / HA ZA 26-282
Vonnis in incident van 16 september 2026
in de zaak van
1 [eiser 1],
te [woonplaats],
2. [eiser 2] B.V.,
te [vestigingsplaats],
eisende partijen in de hoofdzaak,
eisende partijen in het incident,
advocaat: mr. S.T.M. Terpstra,
tegen
1 RIGHTSIFY GROUP LLC,
te Pasadena (Californië, Verenigde Staten van Amerika),
2. MAIDEN LANE MUSIC COMPANY, h.o.d.n. COPYRIGHT COLLECTION CO,
te New York (Verenigde Staten van Amerika),
gedaagde partijen in de hoofdzaak,
verwerende partijen in het incident,
advocaat: mr. J.P. van den Brink.
Eisers zullen hierna gezamenlijk [eisers] (mannelijk enkelvoud) genoemd worden en afzonderlijk [eiser 1] en [eiser 2]. Gedaagden zullen hierna gezamenlijk Rightsify c.s. (vrouwelijk enkelvoud) genoemd worden en afzonderlijk Rightsify en Maiden Lane.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 23 december 2025,
- de akte overlegging producties van 25 maart 2026 van [eisers], met producties 1-54,
- de conclusie van antwoord in incident van 22 juli 2026 van Rightsify c.s., met producties 1-19.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
2 De feiten voor zover van belang in het incident
[eiser 1] maakt muziek in de stijlen jazz en bossanova en publiceert dit onder verschillende artiestennamen. [eiser 2] is een door [eiser 1] opgerichte vennootschap waarin de exploitatie van zijn muziek is ondergebracht.
Rightsify is een onderneming die zich bezighoudt met exploitatie en licentiëring van muziek, onder meer voor het gebruik in openbare ruimtes. Maiden Lane is de uitgever van Rightsify. [naam] (hierna: [naam]) maakt muziek en heeft zijn intellectuele eigendomsrechten met betrekking tot zijn muziek overgedragen aan Rightsify.
[eiser 1] en [naam] kennen elkaar van een muziekschool in [plaats] (Verenigd Koninkrijk), waar zij beiden werkzaam zijn geweest. [naam] liet [eiser 1] in 2016 kennis maken met Band-in-a-Box (BIAB), een softwareprogramma waarmee muziek kan worden geproduceerd. [naam] had op dat moment al een groot aantal muziekwerken met BIAB gemaakt en daarmee streaminginkomsten gegenereerd.
Sinds 2016 heeft [eiser 1] in totaal meer dan 14.500 nummers gecreëerd met BIAB. Deze muziek is onder meer gedistribueerd via streamingdiensten zoals Spotify. [eiser 2] is de uitgever van deze muziek. Ook [naam] is muziek blijven produceren en uitgeven. Eind 2018 is hij daartoe een samenwerking aangegaan met Rightsify.
Tussen partijen is een geschil ontstaan over de rechten op een groot aantal met BIAB gemaakte nummers. Rightsify heeft zich in 2023 als auteursrechthebbende laten registreren bij de Amerikaanse collectieve beheersorganisatie Mechanical Licensing Collective (MLC) voor muzieknummers die door [eiser 1] en [eiser 2] al waren gedistribueerd. Hierdoor ontstonden dubbele registraties. De MLC heeft daarop besloten de betaling van vergoedingen op basis van deze werken op te schorten. Ook Spotify heeft op verzoek van Rightsify muzieknummers die waren uitgegeven door [eisers] offline gehaald.
3 Het geschil in de hoofdzaak
[eisers] vordert in de hoofdzaak – verkort weergegeven – dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. voor recht verklaart dat Rightsify c.s. inbreuk heeft gemaakt op de naburige rechten, persoonlijkheidsrechten en eer en goede naam van [eisers] en onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisers] door zich ten onrechte als rechthebbende uit te geven ten aanzien van de muziek van [eisers] en door onterechte notice & take down claims in te dienen;
II. voor recht verklaart dat Rightsify c.s. ongerechtvaardigd is verrijkt en/of onrechtmatig heeft gehandeld, door zich te registreren als rechthebbende en vergoedingsbegunstigde ten aanzien van de muziek van [eisers];
III. voor recht verklaart dat Rightsify c.s. aansprakelijk is voor de schade van [eisers];
IV. Rightsify c.s veroordeelt tot betaling van de schade van [eisers] danwel winstafdracht nader op te maken bij staat en van een voorschot van € 75.000,00;
V. Rightsify c.s. gebiedt om de inbreuk op de naburige rechten, persoonlijkheidsrechten en eer en goede naam te staken, op straffe van een dwangsom;
VI. Rightsify c.s. gebiedt medewerking te verlenen aan het herroepen van de notice & take down claims, op straffe van een dwangsom;
VII. Rightsify c.s. gebiedt het indienen van onterechte notice & take down claims ten aanzien van de muziek van [eisers] te staken, op straffe van een dwangsom;
VIII. Rightsify c.s. gebiedt opgave te verstrekken van door haar ontvangen vergoedingen ten aanzien van de muziek van [eisers], op straffe van een dwangsom;
IX. Rightsify c.s. gebiedt alle vergoedingen die zij in de toekomst ontvangt in verband met de muziek van [eisers] te betalen aan [eisers];
X. Rightsify c.s. gebiedt zich te onthouden van uitlatingen met strekking dat [eisers] inbreuk maakt op rechten van Rightsify c.s., op straffe van een dwangsom;
XI. Rightsify c.s. gebiedt het vonnis in hoofdzaak te verspreiden bij en een rectificatie sturen aan partijen waaraan Rightsify c.s. claims of correspondentie heeft gericht ten aanzien van de muziek van [eisers], op straffe van een dwangsom.
XII. Rightsify c.s. veroordeelt in de proceskosten ex artikel 1019h Rv.
[eisers] legt het volgende aan zijn vorderingen ten grondslag. Rightsify c.s. maakt inbreuk op de naburige rechten van [eisers] op de door [eiser 1] gemaakte muziek door ten onrechte te claimen dat zij rechthebbende is. Op basis daarvan incasseert Rightsify c.s. de aan [eisers] toekomende vergoedingen wegens de openbaarmaking van zijn muziek en dient Rightsify ten onrechte notice & take down claims in bij Spotify, waardoor muziek van [eisers] offline is gehaald en hij schade lijdt. Hierdoor maakt Rightsify c.s. ook inbreuk op de persoonlijkheidsrechten van [eisers] en handelt zij onrechtmatig jegens [eisers], aldus [eisers]
4 Het geschil in het incident
[eisers] vordert – verkort weergegeven – dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, totdat in de hoofdzaak zal zijn beslist:
I. Rightsify c.s. gebiedt om de inbreuk op de naburige rechten, persoonlijkheidsrechten en eer en goede naam te staken, op straffe van een dwangsom;
II. Rightsify c.s. gebiedt medewerking te verlenen aan het herroepen van de notice & take down claims en er alles aan te doen wat redelijkerwijs binnen haar macht ligt ervoor te zorgen dat de claims worden teruggedraaid en de muziek van [eisers] weer beschikbaar is, op straffe van een dwangsom;
III. Rightsify c.s. gebiedt het indienen van onterechte notice & take down claims ten aanzien van de muziek van [eisers] te staken, op straffe van een dwangsom;
IV. Rightsify c.s. gebiedt zich te onthouden van uitlatingen met strekking dat [eisers] inbreuk maakt op rechten van Rightsify, op straffe van een dwangsom;
V. Rightsify c.s. gebiedt het vonnis in incident te verspreiden bij en een rectificatie sturen aan partijen waaraan Rightsify c.s. claims of correspondentie heeft gericht ten aanzien van de muziek van [eisers], op straffe van een dwangsom.
[eisers] legt het volgende aan zijn vorderingen ten grondslag. Rightsify c.s. maakt door het in overweging 3.2 samengevatte handelen voortdurend inbreuk op de naburige rechten van [eisers] en handelt daarmee onrechtmatig jegens [eisers] Hierdoor wordt [eisers] een belangrijke inkomstenbron ontnomen. Daarom kan van [eisers] niet worden gevergd dat hij de afloop in de hoofdzaak afwacht. De vorderingen in incident hangen samen met de hoofdvorderingen. Om deze redenen heeft [eisers] voldoende belang bij een voorlopige voorziening voor de duur van het geding (artikel 223 Rv) om de inbreuk en het onrechtmatig handelen te staken, aldus [eisers]
Rightsify voert het volgende verweer op basis waarvan zij concludeert tot afwijzing van de incidentele vorderingen. Het incident is een verkapte behandeling van de hoofdzaak en de gevorderde voorlopige voorzieningen zijn geen beperkte ordemaatregelen, omdat [eisers] vrijwel het hele materiële geschil tussen partijen voorlopig beslist probeert te krijgen. [eisers] heeft verder onvoldoende onderbouwd dat hij de uitkomst van de hoofdzaak niet kan afwachten. Daarnaast zijn de proceskansen van [eisers] niet voldoende reëel en staat de grondslag van de gevraagde voorziening onvoldoende vast. [eisers] heeft immers niet bewezen dat hij rechten heeft op de werken die hij heeft geregistreerd. Het is juist [eisers] die inbreuk maakt op de rechten van Rightsify c.s., aldus Rightsify c.s.
5 De beoordeling in het incident
Bevoegdheid
Verwerende partijen in het incident Rightsify en Maiden Lane zijn gevestigd in de Verenigde Staten. De zaak heeft daarom een internationaal karakter. De rechtbank zal eerst ambtshalve beoordelen of zij bevoegd is aan de hand van de toepasselijke bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).
Dit geschil betreft een rechtsbetrekking die ter vrije bepaling van partijen staat. Rightsify en Maiden Lane zijn in deze procedure verschenen en hebben de rechtsmacht van de Nederlandse rechter niet betwist. Het is de rechtbank niet gebleken dat een redelijk belang voor behandeling door de Nederlandse rechter ontbreekt. Daarmee is voldaan aan de voorwaarden van artikel 9 onder a Rv. De Nederlandse rechter is daarom bevoegd om kennis te nemen van de vorderingen van [eisers]
Onvoldoende belang bij incidentele vorderingen
De rechtbank komt tot het oordeel dat [eisers] onvoldoende belang heeft bij toewijzing van de incidentele vorderingen. Dit wordt hieronder toegelicht.
Bij een provisionele voorziening (artikel 223 Rv) gaat het om een voorlopige maatregel voor de duur van het geding. De rechtbank kan een dergelijke voorziening treffen indien de eiser daarbij een zodanig belang heeft dat van hem niet kan worden gevergd dat hij de afloop van de bodemzaak afwacht. Het is aan de eiser om zijn belang bij de maatregel te stellen en te onderbouwen.
De enige omstandigheid die [eisers] naar voren brengt ter onderbouwing van zijn belang, is dat hij inkomsten misloopt. Naar het oordeel van de rechtbank is dat onvoldoende. [eisers] heeft zijn stelling dat hij afhankelijk is van de inkomsten die hij als gevolg van het handelen van Rightsify c.s. gedurende het geding zou mislopen niet onderbouwd. Evenmin heeft [eisers] gesteld dat dit zijn enige inkomstbron is.
De rechtbank benadrukt verder dat terughoudendheid op zijn plaats is bij de gevorderde voorlopige voorzieningen bestaande uit veroordelingen tot herroeping van notice & take down claims en het versturen van een rectificatie. Toewijzing van deze vorderingen zou te zeer vooruitlopen op de beoordeling in de hoofdzaak. Deze vorderingen lenen zich daarom niet voor een voorlopige voorziening. De vraag of er sprake is van inbreuk op naburige rechten en persoonlijkheidsrechten en, zo ja, welke veroordelingen daaraan moeten worden verbonden, zal in de hoofdzaak moeten worden beantwoord.
Dit betekent dat de vorderingen in incident worden afgewezen.
De rechtbank zal de beslissing over de proceskosten in incident aanhouden tot het eindvonnis in de hoofdzaak.
6 De beslissing
De rechtbank
in het incident
wijst het gevorderde af,
houdt de beslissing omtrent de proceskosten in het incident aan tot het vonnis in de hoofdzaak,
in de hoofdzaak
verwijst de zaak naar de rol van 14 oktober 2026 voor conclusie van antwoord aan de zijde van Rightsify Group LLC en Copyright Collection CO,
houdt iedere verdere beslissing aan.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. T.T. Hylkema, rechter, bijgestaan door N.T. Weessies, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2026. |
||