Civiel recht overig

Zorgmachtiging voor de duur van zes maanden. Insluiten en uitoefenen van toezicht op betrokkene zijn opgelegd…

Rechtbank Amsterdam, 28 december 2021

Zaakgegevens

Op 28 december 2021 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
28 december 2021
Datum publicatie
26 januari 2022
Zaaknummer
710949/21-7787
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2021:7947
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Zorgmachtiging voor de duur van zes maanden. Insluiten en uitoefenen van toezicht op betrokkene zijn opgelegd voor telkens maximaal 14 dagen. Andere vormen van verplichte zorg voor de duur van zes maanden.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Strafrecht

Locatie: Amsterdam

Zorgmachtiging (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) jo. art. 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz))

Rekestnummer: 710949/21-7787

Beschikking van de rechtbank op het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 Wvggz, ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1983 te [geboorteplaats] (Suriname),

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres 1] ,

nu verblijvende in [locatie] , gevestigd op het adres:

[adres 2] ,

bijgestaan door haar advocaat E.F. de Wit, advocaat te Amsterdam,

hierna te noemen: betrokkene.

1 Procesverloop

1.1.

De officier van justitie heeft verzocht een zorgmachtiging ten behoeve van betrokkene te verlenen. Dit verzoekschrift is op 8 december 2021 bij de rechtbank binnengekomen. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • de medische verklaring van 12 november 2021;

  • het zorgplan inclusief de bijlagen van 23 november 2021;

  • de bevindingen van de geneesheer-directeur van 30 november 2021;

  • de politiegegevens en de strafvorderlijke en justitiële gegevens van betrokkene die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van het ernstig nadeel.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 14 december 2021 in het gebouw van de rechtbank te Amsterdam.

1.3.

Ter zitting zijn aanwezig en worden gehoord:

  • betrokkene;

  • de advocaat van betrokkene, mr. E.F. de Wit;

  • de deskundige E.P.K. Sikkens, psychiater (via een telefonische verbinding).

2 Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht een zorgmachtiging te verlenen. Ten aanzien van de verschillende vormen van zorg en de op te leggen duur heeft de officier van justitie verwezen naar het verzoekschrift.

3 Standpunt van betrokkene

De advocaat van betrokkene heeft aangevoerd dat de zorgmachtiging kan worden verleend. Betrokkene wil meewerken aan behandeling en opname in een psychiatrisch ziekenhuis in het kader van een zorgmachtiging, waarna zij wil doorstromen naar begeleid wonen. Een beveiligde setting is niet noodzakelijk. Betrokkene wil niet worden ingesloten. Verzocht wordt om aan elke insluiting en het daarbij uit te oefenen toezicht een maximale duur van zeven of veertien dagen te verbinden.

4 Toelichting deskundige E.P.K. Sikkens

De deskundige verklaart desgevraagd dat de insluiting en het toezicht worden beperkt tot telkens zeven tot veertien dagen. Als dit in een bepaald geval voor langere duur nodig is, kan steeds een nieuw besluit worden genomen. De duur van de zorgmachtiging dient wel zes maanden te zijn. De voorwaarde om betrokkene op te nemen in een accommodatie is in dit geval niet opportuun want er is een forensische titel die de opname garandeert. Bovendien wil betrokkene meewerken. De zorgmachtiging kan als een vangnet dienen voor wanneer betrokkene haar medicatie niet neemt.

5 Beoordeling

5.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een ongespecificeerde psychotische stoornis en waarschijnlijk zwakbegaafdheid, een borderline persoonlijkheidsstoornis en een stoornis in gebruik van cannabis en alcohol.

5.2.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel gelegen in: ernstig lichamelijk letsel, maatschappelijke teloorgang en de algemene veiligheid van personen of goederen is in gevaar.

5.3.

Om ernstig nadeel af te wenden en het dusdanig herstellen van de geestelijke gezondheid van betrokkene dat zij haar autonomie zoveel mogelijk herwint en het stabiliseren van de geestelijke gezondheid van betrokkene, heeft zij verplichte zorg nodig.

5.4.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op het zorgplan.

De volgende vormen van zorg worden voor na te noemen duur verzocht:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van vocht

6 maanden

toedienen van voeding

6 maanden

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening

6 maanden

insluiten

6 maanden

uitoefenen van toezicht op betrokkene

6 maanden

5.5.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste zorg is rekening gehouden met de met de veiligheid van betrokkene en met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen.

5.6.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

5.7.

De rechtbank komt tot de conclusie dat is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend. Betrokkene is eerder opgenomen, maar dat is niet afdoende gebleken om betrokkene effectieve behandeling te geven en steun te bieden. Betrokkene heeft verklaard dat zij graag opgenomen wil worden in een kliniek en geeft daarbij aan dat zij medicatie wil nemen, maar gebleken is dat zij dat niet altijd trouw doet. Een minder beveiligd kader biedt daarom te weinig steun voor de nodige behandeling. Het is nodig dat haar medicatie kan worden toegediend als verplichte vorm van zorg wanneer zij dit niet wil, nu dit essentieel is om het ernstig nadeel af te wenden. De rechtbank vindt de verplichte zorg “toedienen van vocht en voedsel” niet noodzakelijk, en de deskundige heeft toegelicht dat deze vorm abusievelijk is voorgesteld. Evenmin vindt de rechtbank het nodig dat betrokkene wordt opgenomen in een accommodatie, zoals de advocaat heeft voorgesteld, nu de opname in een forensische accommodatie door de deskundige als passender wordt beschouwd. De rechtbank zal aan het insluiten en het uit te oefenen toezicht een maximale duur van telkens veertien dagen verbinden.

5.8.

De verschillende vormen van zorg kunnen voor de hieronder gestelde termijnen worden toegepast. Deze termijnen zijn noodzakelijk om het doel van verplichte zorg te realiseren.

6 Beslissing

De rechtbank:

Wijst toe het verzoek van de officier van justitie en verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1983 te [geboorteplaats] (Suriname),

inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

Vorm van zorg

Duur

toedienen van medicatie

6 maanden

het verrichten van medische controles

6 maanden

het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening

6 maanden

insluiten

Telkens voor maximaal 14 dagen

uitoefenen van toezicht op betrokkene

Telkens voor maximaal 14 dagen

Deze zorgmachtiging is bij voorraad uitvoerbaar. De machtiging is geldig vanaf dagtekening en moet binnen twee weken ten uitvoer worden gelegd.

Deze zorgmachtiging is geldig voor de duur van 6 (zes) maanden, te weten uiterlijk tot en met 28 juni 2022.

Deze machtiging is op 28 december 2021 gegeven door

mr. W.M.C. van den Berg, voorzitter,

mrs. E. van den Brink en I. Timmermans, rechters,

in tegenwoordigheid van mrs. L. van Breukelen en A.A.B. Fransen, griffiers.

Tegen de beschikking van deze rechtbank staat voor betrokkene en officier van justitie beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen door een advocaat middels het indienen van een verzoekschrift bij de griffie van de Hoge Raad, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking.