Civiel recht overig

Kort geding. Verstekvonnis. Terugbetaling lening

Rechtbank Amsterdam, 19 december 2025

Zaakgegevens

Op 19 december 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
19 december 2025
Datum publicatie
23 december 2025
Zaaknummer
C/13/778569 / KG ZA 25-920
Procedure
Kort geding
Advocaat
mr. S.H.J. Kramer
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:10459
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Kort geding. Verstekvonnis. Terugbetaling lening

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter

Zaaknummer: C/13/778569 / KG ZA 25-920 NB/EvK

Vonnis in kort geding van 19 december 2025

in de zaak van

de rechtspersoon naar buitenlands recht

TEROB INVESTMENTS N.V.,

te Curaçao,

eisende partij bij dagvaarding van 20 november 2025,

hierna te noemen: Terob,

advocaat: mr. S.H.J. Kramer,

tegen

1 CHARMEA HOLDING B.V.,

te Amsterdam,
2. [gedaagde 2],

te ‘ [plaats] ,

gedaagde partijen,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 19 december 2025 heeft mr. Kramer de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding toegelicht. Vervolgens is verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend.

2 De beoordeling

2.1.

De Nederlandse rechter is bevoegd en het Nederlands recht zal worden toegepast.

2.2.

Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.

2.3.

Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Terob worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

123,16

- griffierecht

€

10.188,00

- salaris advocaat

€

1.107,00

- nakosten

€

178,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

11.596,16

2.4.

De veroordeling wordt hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

veroordeelt gedaagden hoofdelijk om binnen 7 dagen na de datum van dit vonnis aan Terob te betalen een bedrag van € 875.000 aan verschuldigde hoofdsom en € 125.625 aan achterstallige rente (per 31 oktober 2025), per 1 november 2025 te vermeerderen met de contractuele rente, in overeenstemming met artikel 1.2 van de Leningsovereenkomst, tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 11.596,16, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,

3.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.H. van Kolfschooten, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025.

type: EvK coll: JD