Internationaal strafrecht

Verzoekschrift 530 en 533 Sv.Heropenen onderzoek omdat behandeling ten onrechte in besloten raadkamer heeft…

Rechtbank Amsterdam, 17 juli 2025

Zaakgegevens

Op 17 juli 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over internationaal strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
17 juli 2025
Datum publicatie
17 juli 2025
Zaaknummer
13-352871-24
Procedure
Eerste en enige aanleg
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:5191
E-mail

Samenvatting

Verzoekschrift 530 en 533 Sv.Heropenen onderzoek omdat behandeling ten onrechte in besloten raadkamer heeft plaatsgevonde. Vervolgens NO omdat overleveringszaak niet is geeindigd met een weigering of daarmee gelijk te stellen beslissing. EAB was ingetrokken. Verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoeken.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13-352871-24

RK nummers: 25-012284 en 25-012286

BESCHIKKING

Op de verzoeken tot schadevergoeding en de daarmee samenhangende vergoeding van kosten van rechtsbijstand ex artikel 67 van de Overleveringswet (hierna: OLW) in samenhang met artikelen 533 en 530 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) van

[verzoeker] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedag] 1974

te dezen domicilie kiezend op het kantooradres van zijn raadsman,

mr. R.A. Kaarls, Smidswater 27, 2514 BW, te 's-Gravenhage,

hierna te noemen: verzoeker.

1. Procesgang

Bij schriftelijke verzoeken, bij de rechtbank ingediend op 10 mei 2025, heeft verzoeker vergoeding verzocht van de schade geleden ten gevolge van vrijheidsbeneming en van de kosten van rechtsbijstand in het kader van de overleveringsprocedure.

De rechtbank heeft op 3 juli 2025 verzoeker, de raadsman van verzoeker, mr Kaarls voornoemd, en de officier van justitie, mr. A.L. Wagenaar, in raadkamer gehoord.

De rechtbank heeft de zaak in raadkamer achter gesloten deuren behandeld, terwijl artikel 533, derde lid Sv en 530, vierde lid jo 529, derde lid Sv expliciet bepaalt dat deze procedure op een openbare raadkamer wordt behandeld.

De rechtbank zal daarom de zaak heropenen teneinde verzoeker in gelegenheid te stellen alsnog op een openbare raadkamer te worden gehoord. Indien verzoeker hier geen prijs op stelt, zal de rechtbank - voor wat het standpunt van verzoeker betreft - uitgaan van het proces-verbaal dat van de raadkamer van 3 juli 2025 is opgemaakt.

Deze beslissing is gegeven op 17 juli 2025 door

mr. M. Westerman, voorzitter,

mrs. E. Biçer en D.M.S. Gribling, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D. Kloos, griffier,

De jongste rechter is buiten staat deze beschikking te ondertekenen.