Materieel strafrecht
Herstelvonnis zaak met partketnummer 13/300523-24 m.b.t. vergoeding van immateriële schade.
Rechtbank Amsterdam, 7 januari 2025
ECLI:NL:RBAMS:2025:222 · Rechtbank Amsterdam · 7 januari 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/strafrecht/materieel-strafrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbams-2025-222
Zaakgegevens
Op 7 januari 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over materieel strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 januari 2025
- Datum publicatie
- 14 januari 2025
- Zaaknummer
- 13/300523-24
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Materieel strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2025:222
Samenvatting
Herstelvonnis zaak met partketnummer 13/300523-24 m.b.t. vergoeding van immateriële schade.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar]Herstelvonnis
Herstelvonnis gewezen naar aanleiding van het op 27 december 2024 door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam gewezen vonnis in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2005,
wonende op het adres [adres],
thans gedetineerd in de [detentieadres].
Parketnummer: 13/300523-24
De rechtbank is na het wijzen van het vonnis in de zaak met bovengenoemd parketnummer gebleken dat in het vonnis op pagina 10 onder het kopje ‘De benadeelde partij [persoon]’ staat:
‘Het bedrag bestaat verder uit € 500,00 aan vergoeding van immateriële schade.’
Dit dient te zijn:
‘Het bedrag bestaat verder uit € 550,00 aan vergoeding van immateriële schade.’
Het betreft hier een kennelijke misslag.
Ook is het de rechtbank is na het wijzen van het vonnis in de zaak met bovengenoemd parketnummer gebleken dat in het vonnis op pagina 14 onder het kopje ‘Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [persoon]’ staat:
‘Voormeld bedrag bestaat uit € 131,81 (honderdéénendertig euro en éénentachtig eurocent) aan vergoeding van materiële schade en € 500,00 (vijfhonderd euro) aan vergoeding van immateriële schade.’
Dit dient te zijn:
‘Voormeld bedrag bestaat uit € 131,81 (honderdéénendertig euro en éénentachtig eurocent) aan vergoeding van materiële schade en € 550,00 (vijfhonderdvijftig euro) aan vergoeding van immateriële schade.’
Het betreft hier een kennelijke misslag.
Dit herstelvonnis is op 7 januari 2025 gewezen door
mr. J.M. van Hall, voorzitter,
mrs. C. Wildeman en B. Kuppens, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. S.M. Zoetelief, griffier.