Materieel strafrecht

Rechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Materieel strafrecht

Rechtbank Amsterdam, 8 januari 2026

Zaakgegevens

Op 8 januari 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over materieel strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
8 januari 2026
Datum publicatie
31 maart 2026
Zaaknummer
13/371757-24 (zaak A), 09/150668-25 (zaak B) en 13/144053-25 (zaak C) (ter terechtzitting gevoegd)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:3218
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Herstelvonnis.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]herstelvonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummers: 13/371757-24 (zaak A), 09/150668-25 (zaak B) en 13/144053-25 (zaak C) (ter terechtzitting gevoegd)

Herstelvonnis gewezen naar aanleiding van het op 24 december 2025 door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam gewezen vonnis in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [land van herkomst] ) op [geboortedag] 1995,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres] ,

nu gedetineerd in [detentieplaats] .

De rechtbank is na het wijzen van het vonnis in de zaken met bovengenoemde parketnummers gebleken dat in het vonnis op pagina 17 in de tweede alinea staat:

“De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen 36b, 36c, 36f, 37a, 37b, 45, 46, 55, 57, 157, 289, 300 van het Wetboek van Strafrecht.”

Dit dient te zijn:

“De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen 36b, 36c, 36f, 37a, 37b, 45, 46, 55, 57, 157, 289, 300 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.”

Het betreft hier een kennelijke misslag.

Dit herstelvonnis is op 8 januari 2026 gewezen door

mr. A.S. Dogan, voorzitter,

mrs. E. van den Brink en J.H.C. van der Roest, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V.D. Bennett, griffier,

en ondertekend door de voorzitter en de griffier.