Materieel strafrecht
Rechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Materieel strafrecht
Rechtbank Amsterdam, 8 januari 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:3218 · Rechtbank Amsterdam · 8 januari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/strafrecht/materieel-strafrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbams-2026-3218
Zaakgegevens
Op 8 januari 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over materieel strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 8 januari 2026
- Datum publicatie
- 31 maart 2026
- Zaaknummer
- 13/371757-24 (zaak A), 09/150668-25 (zaak B) en 13/144053-25 (zaak C) (ter terechtzitting gevoegd)
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Materieel strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2026:3218
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Herstelvonnis.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar]herstelvonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling Publiekrecht
Teams Strafrecht
Parketnummers: 13/371757-24 (zaak A), 09/150668-25 (zaak B) en 13/144053-25 (zaak C) (ter terechtzitting gevoegd)
Herstelvonnis gewezen naar aanleiding van het op 24 december 2025 door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam gewezen vonnis in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] ( [land van herkomst] ) op [geboortedag] 1995,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:
[adres] ,
nu gedetineerd in [detentieplaats] .
De rechtbank is na het wijzen van het vonnis in de zaken met bovengenoemde parketnummers gebleken dat in het vonnis op pagina 17 in de tweede alinea staat:
“De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen 36b, 36c, 36f, 37a, 37b, 45, 46, 55, 57, 157, 289, 300 van het Wetboek van Strafrecht.”
Dit dient te zijn:
“De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen 36b, 36c, 36f, 37a, 37b, 45, 46, 55, 57, 157, 289, 300 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.”
Het betreft hier een kennelijke misslag.
Dit herstelvonnis is op 8 januari 2026 gewezen door
mr. A.S. Dogan, voorzitter,
mrs. E. van den Brink en J.H.C. van der Roest, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V.D. Bennett, griffier,
en ondertekend door de voorzitter en de griffier.