Strafrecht overig

vordering van de officier van justitie ex artikel 552f van het Wetboek van Strafvordering toegewezen

Rechtbank Amsterdam, 16 februari 2021

Zaakgegevens

Op 16 februari 2021 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
16 februari 2021
Datum publicatie
1 april 2021
Zaaknummer
RK 21/210
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2021:1544
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

vordering van de officier van justitie ex artikel 552f van het Wetboek van Strafvordering toegewezen

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 13/130579-20

RK: 21/210

Beschikking op de vordering van de officier van justitie ex artikel 552f van het Wetboek van Strafvordering (Sv) in de zaak betreffende:

[beslagene] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [1997] ,

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

beslagene.

1 De procesgang

De vordering is op 13 januari 2021 ter griffie van deze rechtbank ontvangen.

De rechtbank heeft op 16 februari 2021 de officier van justitie, mr. R. Leuven, in openbare raadkamer gehoord.

De beslagene is, hoewel daartoe rechtsgeldig opgeroepen, niet in raadkamer verschenen.

2 De inhoud van de vordering

De vordering strekt tot onttrekking aan het verkeer van een in beslag genomen personenauto, van het merk Citroën, met het kenteken [kenteken] , omdat uit onderzoek van de politie is gebleken dat in de auto een verborgen ruimte is aangebracht, die niet standaard in deze voertuigen aanwezig is, of door de fabrikant wordt geleverd.

3 Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie volhardt in de vordering en heeft in raadkamer verklaard dat beslagene al vervolgd is.

4 De beoordeling

Uit de stukken en het verhandelde in raadkamer is het volgende gebleken.

Op 12 mei 2020 is de auto in beslag genomen.

Beslagene heeft geen afstand gedaan van de auto.

In het proces-verbaal van bevindingen met nummer 2020098910-3 van 12 mei 2020 staat gerelateerd dat op 12 mei 2020 een onderzoek in de auto heeft plaatsgevonden en dat hieruit is gebleken dat er een verborgen ruimte in de auto aanwezig was.

De rechtbank is van oordeel dat uit de resultaten van het door de politie gedane onderzoek kan worden vastgesteld dat de onderhavige auto op het moment van inbeslagname een verborgen ruimte had.

Het is een feit van algemene bekendheid dat voertuigen voorzien van een verborgen ruimte doorgaans voor criminele doeleinden worden gebruikt. Door deze voertuigen terug te geven, wordt het circuit van gestolen voertuigen in stand gehouden, dan wel gestimuleerd. Het ongecontroleerde bezit van, in dit geval, een auto met een verborgen ruimte doet dan ook afbreuk aan een effectieve voorkoming en bestrijding van die criminele doeleinden en is daarom in strijd met het algemeen belang in de zin van artikel 36c Sr.

De rechtbank zal de vordering derhalve toewijzen.

De rechtbank komt tot de volgende beslissing.

5 De beslissing

De rechtbank wijst de vordering toe.

De rechtbank verklaart onttrokken aan het verkeer de auto ven het merk Citroën, met het kenteken [kenteken] (goednummer: 5917728).

Deze beslissing is gegeven door

mr. E.G.C. Groenendaal, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. C.T. St Rose, griffier

en in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2021.

Tegen de beslissing van deze rechtbank staat voor de belanghebbende beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen bij de griffie van deze rechtbank, binnen (veertien) 14 dagen na betekening van deze beschikking.