Strafrecht overig

Overlevering. Verzoek aanvullende toestemming. Toestemming wordt verleend.

Rechtbank Amsterdam, 5 maart 2025

Zaakgegevens

Op 5 maart 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
5 maart 2025
Datum publicatie
18 maart 2025
Zaaknummer
13-054843-25
Procedure
Eerste en enige aanleg
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:1731
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Overlevering. Verzoek aanvullende toestemming. Toestemming wordt verleend.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-054843-25

Datum beslissing: 5 maart 2025

BESLISSING

op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 20 februari 2025 strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor de tenuitvoerlegging van straffen die zijn opgelegd voor feiten die vóór het tijdstip van de overlevering zijn begaan en waarvoor de betrokkene niet is overgeleverd, als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, OLW. Dit verzoek is ingediend door het Amtsgericht Detmold (Duitsland) op 13 februari 2025 en betreft:

[opgeëiste persoon],

geboren op [geboortedag] 1989 te Slawgorod (Sovjet-Unie),

thans gedetineerd in Duitsland,

hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1 Beoordeling

Het verzoek bevat de gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. De voorhanden zijnde stukken zijn toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.

Het verzoek betreft feiten ten aanzien waarvan krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.

De rechtbank zal daarom het verzoek toewijzen.

2 Beslissing

De rechtbank:

verleent op grond van artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, en derde lid, OLW toestemming voor uitbreiding van de tenuitvoerlegging van twee straffen van [opgeëiste persoon] voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.

Deze beslissing is genomen op 5 maart 2025 door

mr. A.J.R.M. Vermolen, voorzitter,

mrs. C. Klomp en A.L. op ‘t Hoog, rechters,

in tegenwoordigheid van mrs. A.T.P. van Munster en D. Kloos, griffiers.