Bestuursrecht overig

Verschoning. Verzoek toegewezen.

Rechtbank Den Haag, 8 september 2026

Zaakgegevens

Op 8 september 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
8 september 2026
Datum publicatie
10 september 2026
Zaaknummer
C/09/712219 / KG RK 26- 1303
Procedure
Verschoning
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:26270
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verschoning. Verzoek toegewezen.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Verschoningskamer

Verschoningsnummer: 2026/21

Zaak-/rekestnummer: C/09/712219 / KG RK 26- 1303

Beslissing van 8 september 2026

van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van

mr. A.M. de Wit,

rechter in de rechtbank Den Haag,

hierna de rechter,

belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk SGR 25/3680 HOREC van:

[eiser 1] en [eiser 2] ,

wonende te [woonplaats] ,
eisers,
bijgestaan door gemachtigde T. van Steenis,

tegen

de Burgemeester van Gouda,

verweerder,

bijgestaan door mr. T.P. van der Eerden, advocaat te Tilburg.

Als belanghebbende is aangemerkt [belanghebbende] namens [bedrijf] .

1 Het verschoningsverzoek

1.1.

Het verschoningsverzoek is op 7 september 2026 door de rechter ingediend. De rechter aan het verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat betrokkenen bij de hoofdzaak onderdeel uitmaken van haar persoonlijke kennissenkring.

1.2.

Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.

2 De beoordeling

2.1.

Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.

2.2.

Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.

3 De beslissing

De verschoningskamer:

3.1.

wijst het verzoek tot verschoning toe;

3.2.

bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;

3.3.

beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:

* de rechter;

* eisers, p/a gemachtigde T. van Steenis;

* verweerder, p/a mr. T.P. van der Eerden;

* belanghebbende, p/a [belanghebbende] .

Deze beslissing is genomen in raadkamer op 8 september 2026 door mrs. S.M. Krans, A.M.A. Keulen en A.M. Boogers, in tegenwoordigheid van de griffier.