Vreemdelingenrecht

Opvolgende asielaanvraag – geen nieuwe elementen of bevindingen – aanvragen niet-ontvankelijk – beroepen ongegrond.

Rechtbank Den Haag, 22 oktober 2026

Zaakgegevens

Op 22 oktober 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
22 oktober 2026
Datum publicatie
26 oktober 2026
Zaaknummer
NL26.51222
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:31457
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Opvolgende asielaanvraag – geen nieuwe elementen of bevindingen – aanvragen niet-ontvankelijk – beroepen ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.51222


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. N. van Bremen),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 28 augustus 2026 (het bestreden besluit) heeft verweerder de opvolgende asielaanvraag van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.51221, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 22 oktober 2026 door mr. S.S. van der Velde, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.