Insolventierecht

Toelating WSNP. Afwijzing eerdere ingangsdatum; gedurende minnelijk traject niet aanvullend gesolliciteerd.

Rechtbank Den Haag, 3 april 2025

Zaakgegevens

Op 3 april 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
3 april 2025
Datum publicatie
3 april 2025
Zaaknummer
C/09/25/35 R
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:5573
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Toelating WSNP. Afwijzing eerdere ingangsdatum; gedurende minnelijk traject niet aanvullend gesolliciteerd.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team Insolventies

insolventienummer: C/09/25/35 R

vonnis van 3 april 2025

op het verzoek van:

[verzoekster],

wonende te [adres]

[postcode] [woonplaats 1].

Waar deze zaak over gaat

Mevrouw [verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft mevrouw [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1 De procedure

1.1.

Mevrouw [verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.

1.2.

Het verzoek is behandeld op de zitting van 3 april 2025. Met de uitnodiging voor deze zitting is aan de mevrouw [verzoekster] een WSNP-informatieboekje meegezonden. Op de zitting verschenen:

- mevrouw [verzoekster], vergezeld door een vriend,

- M. Beukers, schuldhulpverlener en J.N. Karna, klantbegeleider, van de gemeente Den Haag,

- F.B. Trip, budgetmaatje.

2 De beoordeling van het verzoek

2.1.

Mevrouw [verzoekster] kan alleen worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat mevrouw [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. Daarnaast beoordeelt de rechtbank of er aanleiding is een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen.

2.2.

Mevrouw [verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.

2.3.

De verplichtingen waaraan mevrouw [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen staan in het WSNP-informatieboekje beschreven. Samengevat komt dit neer op: een informatieverplichting, een inspanningsverplichting, een verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan en een afdrachtverplichting.

2.4.

De rechtbank ziet geen aanleiding tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum. Niet is gebleken dat de mevrouw [verzoekster] zich in het minnelijk traject maximaal heeft ingespannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verkrijgen. Zij heeft weliswaar gedurende het minnelijk traject haar arbeidsuren van 12,5 uur per week weten uit te breiden naar 32,5 uur per week, maar niet aanvullend gesolliciteerd.

2.5.

De wet schrijft voor dat de eerste dertien maanden van het traject een postblokkade geldt. Deze postblokkade geldt gedurende de materiële looptijd van de schuldsaneringsregeling. Als de schuldsaneringsregeling eerder eindigt stopt de postblokkade. Gedurende deze periode zal alle post naar de bewindvoerder gaan. De bewindvoerder stuurt de post na controle weer door aan mevrouw [verzoekster].

2.6.

Het WSNP-traject duurt in principe achttien maanden. Als mevrouw [verzoekster] zich gedurende die periode houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject na verloop van die achttien maanden met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op mevrouw [verzoekster] kunnen verhalen.

3 De beslissing

De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoekster]

geboren op [geboortedatum]-1974 te [geboorteplaats] (Zaïre),

wonende te [adres], [postcode] '[woonplaats 2];

- wijst het verzoek tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum af;

- stelt de termijn van deze regeling vast op achttien maanden, te rekenen vanaf vandaag;

- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. R. Cats en tot bewindvoerder:

mr. J. van Rijen,

Postbus 1467

3800 BL Amersfoort;

- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende dertien maanden, of zoveel eerder als de schuldsaneringsregeling eindigt, de post van mevrouw [verzoekster] in te zien;

bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:

o zolang de schuldsaneringsregeling loopt en

o voor zover de boedel toereikend is.

Dit is de beslissing van mr. R. Cats, rechter, in samenwerking met C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 april 2025.