Insolventierecht

Toewijzing verzoek faillietverklaring. Eigen aangifte.

Rechtbank Den Haag, 12 mei 2026

Zaakgegevens

Op 12 mei 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
12 mei 2026
Datum publicatie
20 mei 2026
Zaaknummer
rekestnummer: C/09/704451 / FT EA 26/77, insolven
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:12652
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Toewijzing verzoek faillietverklaring. Eigen aangifte.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team Toezicht

rekestnummer : C/09/704451 / FT EA 26/77

insolventienummer: C/09/26/168 F

vonnis van 12 mei 2026

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[verzoekster] B.V.,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer [KvK-nummer] ,

statutair gevestigd te [vestigingsplaats] ,

vestigingsadres: [adres] ,

overige handelsnamen [handelsnaam 1] , [handelsnaam 2] en [handelsnaam 3] ,

verzoekster,

heeft aangifte gedaan strekkende tot eigen faillietverklaring.

Verzoekster is in raadkamer verschenen en gehoord.

De rechtbank is bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van verzoekster in Nederland ligt. Dat volgt uit artikel 3, eerste lid, Verordening 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie.

Na summier onderzoek is gebleken van het bestaan van feiten en omstandigheden waaruit volgt dat verzoekster in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen.

De rechtbank zal het verzoek tot faillietverklaring daarom toewijzen.

De rechtbank zal, vanwege het uit te spreken faillissement, een rechter-commissaris benoemen en een curator aanstellen. De rechtbank zal de curator de opdracht geven om de aan verzoekster gerichte post in te zien.

BESLISSING

De rechtbank:

- verklaart [verzoekster] B.V., voornoemd, in staat van

faillissement;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. N.E.M. de Coninck,

- stelt aan als curator mr. L.E. Burggraaff,
advocaat te Den Haag;

- geeft de curator opdracht om de post van verzoekster in te zien.

Dit is een beslissing van mr. drs. J.C.A.T. Frima, rechter, in samenwerking met R. Becker, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 mei 2026 om 09:45 uur.

Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?
Tegen deze uitspraak kan degene die niet is verschenen en aan wie de Faillissementswet dat recht toekent gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak verzet instellen. Dat kan door een advocaat een verzoekschrift in te laten dienen bij de griffie van deze rechtbank.