Personen- en familierecht

Aanhouding verzoeken in afwachting reactie ouders op informatie dat er in Curaçao geen procedure aanhangig is.

Rechtbank Den Haag, 3 augustus 2026

Zaakgegevens

Op 3 augustus 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
3 augustus 2026
Datum publicatie
3 september 2026
Zaaknummer
C/09/699408 / FA RK 26-1379
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. A.L. Weterings te Oegstgeest, mr. B.S. van Haeften te Den Haag
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:25261
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Aanhouding verzoeken in afwachting reactie ouders op informatie dat er in Curaçao geen procedure aanhangig is.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 26-1379

Zaaknummer: C/09/699408

Datum beschikking: 3 augustus 2026

Gezagsuitoefening

Beschikking op het op 11 februari 2026 ingekomen verzoek van:

[de vader] ,

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. A.L. Weterings te Oegstgeest.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. B.S. van Haeften te Den Haag.

Procedure

Bij beschikking van 10 april 2026 van deze rechtbank is bepaald dat:

  • de rechtbank de vragen aan de Nederlandse liaisonrechter zal stellen:

  • is er in Curaçao een procedure aanhangig om de minderjarige [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2019, terug te geleiden naar Nederland?

  • wat is de stand van zaken in deze procedure?

  • kunt u mij op de hoogte stellen als deze procedure is geëindigd, en hoe deze is geëindigd?

  • de behandeling van de verzoeken wordt aangehouden tot 1 juli 2026.

De rechtbank heeft wederom kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook

  • de e-mail van 5 mei 2026 van een rechter van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

  • het bericht van 29 juli 2026 namens de vader.

Beoordeling

De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.

De rechtbank heeft via de Nederlandse liaisonrechter vernomen dat, anders dan de vader op de zitting van 24 maart 2026 heeft verklaard, er op Curaçao geen procedure aanhangig is met betrekking tot [minderjarige]. De rechtbank zal de ouders in de gelegenheid stellen om binnen twee weken na heden te reageren op deze informatie. Tenzij binnen deze twee weken blijkt dat er toch een procedure op Curaçao aanhangig is, zal de rechtbank de handtekening van de vader op het door de moeder overgelegde formulier op echtheid laten onderzoeken.

Beslissing

De rechtbank:

*

stelt de ouders in de gelegenheid om binnen twee weken na heden te reageren op de informatie van de Nederlandse liaisonrechter;

*

houdt iedere verdere beslissing pro forma aan tot 17 augustus 2026.

Deze beschikking is gegeven door mr. E. Boot, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 3 augustus 2026.