Insolventierecht

Vernietiging faillissement na verzet

Rechtbank Gelderland, 7 oktober 2020

Zaakgegevens

Op 7 oktober 2020 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Zutphen
Datum uitspraak
7 oktober 2020
Datum publicatie
15 januari 2021
Zaaknummer
376774/ FTRK 20/906
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. N.G Cornelissen, mr. I.B. Jansse
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2020:7073
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vernietiging faillissement na verzet

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

79262 / HA ZA 06-75416 augustus 2006

Team insolventies

Zittingsplaats Zutphen

zaaknummer: 376774/ FTRK 20/906 wa

Vonnis van 7 oktober 2020

in de zaak tussen:

[verzoekster] ,

gevestigd te [vestigingsplaats],

verzoekster,

advocaat: mr. N.G. Cornelissen,


en

Plenus Gouda B.V.,

gevestigd te Gouda,

verweerster,

advocaat: mr. I.B. Jansse.

Partijen worden hierna mede aangeduid als [verzoekster] en Plenus.

1 Het verloop van de procedure
Dit verloop blijkt uit:

- het door deze rechtbank op [datum faillissement] uitgesproken vonnis, waarbij [verzoekster] in staat van faillissement is verklaard, met benoeming van mr. S. Boot als rechter-commissaris en van mr. H.J.D. ter Waarbeek, advocaat te Zevenaar, tot curator;

- het op 22 september 2020 ter griffie binnengekomen verzetschrift.

2 Het verzoek

[verzoekster] verzoekt het vonnis tot haar faillietverklaring te vernietigen. [verzoekster] stelt daartoe niet in de toestand te verkeren dat zij is opgehouden te betalen, hetgeen ook blijkt uit het feit dat de aanvrager van het faillissement, Plenus inmiddels betaald is. Beide partijen, hebben ingestemd met vernietiging van het vonnis faillietverklaring en met schriftelijke afdoening van de zaak.

3 De beoordeling
Uit de stukken volgt dat de vordering van Plenus inmiddels betaald is. Het verzet dient derhalve te worden gehonoreerd. Er zijn redenen om [verzoekster] te belasten met de kosten van het faillissement.

DE BESLISSING

De rechtbank, rechtdoende,

vernietigt het vonnis van deze rechtbank van [datum faillissement], waarbij

[verzoekster]

voornoemd in staat van faillissement is verklaard;

bepaalt de kosten van het faillissement op een bedrag van € 3.944,19, te vermeerderen met BTW, voorzover daarover verschuldigd, voor salaris van de curator en een bedrag van

€ 157,77, te vermeerderen met BTW, voorzover daarover verschuldigd, voor verschotten en veroordeelt [verzoekster] tot betaling van deze bedragen aan de curator mr. Ter Waarbeek voornoemd.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Schippers, en in het openbaar uitgesproken op 7 oktober 2020.