Verbintenissenrecht

Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Verbintenissenrecht

Rechtbank Gelderland, 29 mei 2024

Zaakgegevens

Op 29 mei 2024 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
29 mei 2024
Datum publicatie
5 juli 2024
Zaaknummer
10314956
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2024:4228
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Begrotingsbeschikking

Procesgang

  1. Rechtbank Gelderland · 26 juli 2023

    ECLI:NL:RBGEL:2023:4833
  2. Rechtbank Gelderland · 1 mei 2024

    ECLI:NL:RBGEL:2024:3111
  3. Rechtbank Gelderland · 29 mei 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:RBGEL:2024:4228

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer: 10314956 \ CV EXPL 23-908

Vonnis van 29 mei 2024

in de zaak van

[eiseres] ,

te [woonplaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiseres] ,

gemachtigde: mr. M.A. Woudenberg,

tegen

VGZ ZORGVERZEKERAAR N.V.,

te Arnhem,

gedaagde partij,

hierna te noemen: VGZ,

gemachtigde: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 1 mei 2024;

- de akte uitlating voorschotnota van VGZ;

- de e-mail van [eiseres] .

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling

2.1.

[eiseres] is in de gelegenheid gesteld bezwaar te maken tegen de begroting van de deskundige en tegen de benoeming van de deskundige. VGZ is in de gelegenheid gesteld bezwaar te maken tegen de begroting van de deskundige.

2.2.

Zowel [eiseres] als VGZ heeft aangegeven geen bezwaar te maken tegen de kostenbegroting. [eiseres] heeft aangegeven ook geen bezwaar te maken tegen benoeming van [deskundige] als deskundige. De hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige zal dus worden vastgesteld op € 7.260,00 inclusief btw.

2.3.

VGZ heeft nog opgemerkt dat ze ervan uitgaat dat de deskundige enkel de daadwerkelijk bestede uren in rekening zal brengen. Naar aanleiding van deze opmerking merkt de kantonrechter op dat het aan de deskundige is om in haar eindafrekening de door haar bestede tijd te specificeren.

2.4.

In het tussenvonnis van 26 juli 2023 is al aangekondigd en toegelicht dat [eiseres] het voorschot op de kosten van de deskundige moet betalen.

2.5.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

stelt de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige vast op het bedrag van € 7.260,00 inclusief btw,

3.2.

bepaalt dat [eiseres] het voorschot moet overmaken binnen twee weken na de datum van de nog te ontvangen nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak,

3.3.

draagt de griffier op om de deskundige onmiddellijk in kennis te stellen van de betaling van het voorschot,

3.4.

bepaalt dat de zaak op de rol zal komen:

- als het voorschot niet binnen de daarvoor bepaalde (eventueel verlengde) termijn is ontvangen: voor akte uitlating voortprocederen van beide partijen op een termijn van twee weken of

- na ontvangst ter griffie van het rapport: voor conclusie na deskundigenbericht van [eiseres] op een termijn van vier weken,

3.5.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2024.

520 / 40141