Materieel strafrecht

Verlenging van de PIJ met de maximale duur van negen maanden, zoals was gevorderd door de officier van…

Rechtbank Gelderland, 29 september 2026

Zaakgegevens

Op 29 september 2026 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een zaak over materieel strafrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
29 september 2026
Datum publicatie
13 oktober 2026
Zaaknummer
505188920
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2026:7978
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verlenging van de PIJ met de maximale duur van negen maanden, zoals was gevorderd door de officier van justitie. De verlenging is nodig om het STP op te starten en praktische zaken te regelen. Betrokkene en zijn raadsvrouw zien het belang van de verlenging(sduur).

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

parketnummer : 05/051889-20

Beslissing op de vordering tot verlenging plaatsing inrichting voor jeugdigen van de meervoudige kamer voor jeugdstrafzaken (ex artikel 6:2:22 jo 6:6:31 Wetboek van Strafvordering)

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats] (Brazilië),

nu gedetineerd in RJJI [instelling 1] ( [verblijfplaats] ) .

Raadsvrouw: mr. C.H. van Keulen, advocaat in Amsterdam.

Procedure

De meervoudige kamer van deze rechtbank heeft bij vonnis van 21 mei 2021 aan betrokkene de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna: de PIJ-maatregel) opgelegd. Betrokkene is bij dit vonnis veroordeeld voor diefstal met geweld in vereniging en afpersing.

De termijn van de maatregel is ingegaan op 5 juni 2021.

Bij beslissing van deze rechtbank van 13 juni 2023 is de PIJ-maatregel verlengd voor de duur van twee jaren. Bij beslissing van deze rechtbank van 3 juni 2025 is de PIJ-maatregel opnieuw verlengd, ditmaal voor de duur van zestien maanden.

De officier van justitie heeft op 29 juli 2026 de vordering ingediend tot verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden.

De rechtbank heeft verder kennis genomen van de processtukken, waaronder:

- het PIJ-verlengingsadvies van [instelling 1] door [persoon 1] en [persoon 2] van 23 juni 2026,

- een afschrift van de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van betrokkene.

Tijdens de zitting van 29 september 2026 zijn gehoord:

- betrokkene;

- zijn raadsvrouw;

- de deskundige C. Cepero, GZ-psycholoog/gedragswetenschapper bij [instelling 1] ;

- de officier van justitie.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft de vordering toegelicht en heeft deze gehandhaafd.

Het standpunt van betrokkene

Voor betrokkene heeft de PIJ-maatregel lang genoeg geduurd. De misstappen die betrokkene heeft gemaakt zijn volgens hemzelf te wijten aan de motivatiedip die is ontstaan door een gebrek aan perspectief. Nu het einde van de PIJ-maatregel dichterbij komt heeft betrokkene voldoende extrinsieke motivatie om het Scholings en Trainingsprogramma (STP) goed te doorlopen. Hij ziet in dat een verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden nodig is om de kans op een geslaagde resocialisatie zo groot mogelijk te maken.

Ook zijn raadsvrouw ziet de noodzaak van een verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden. Over negen maanden zal de PIJ-maatregel voorwaardelijk worden beëindigd. Er is niet veel tijd over. De negen maanden moeten voortvarend worden benut om praktische zaken te regelen, zoals het vinden van een betaalde baan, liefst in de uitstroomregio, en een begeleid wonen-plek (bij [instelling 2] Almere). Er is volgens de raadsvrouw reden om positief naar de toekomst te kijken. Betrokkene heeft contact met zijn zus en zijn pleegouders, is enthousiast over zijn bezigheden bij de muziekstudio en is, ondanks tegenslagen, volhardend in het vinden van een betaalde baan.

Het PIJ-verlengingsadvies

Uit het adviesrapport van [instelling 1] komt, zakelijk weergegeven, het volgende

naar voren.

Tijdens de PIJ-maatregel is aanvankelijk geprobeerd om de intrapsychische ontwikkeling van betrokkene op gang te brengen. Daarbij ging het om het vergroten van de intrinsieke behandelmotivatie en van inzicht in disfunctionele gedachten- en gedragspatronen. Ook ging het om het op gang brengen van de gewetensontwikkeling, het versterken van de copingvaardigheden en het inzichtelijk krijgen van het netwerk van betrokkene. Zijn persoonlijkheidsproblematiek is echter hardnekkiger gebleken dan aanvankelijk werd gedacht en van daadwerkelijke behandelbereidheid is gedurende de gehele PIJ-maatregel geen sprake geweest. Het is betrokkene dan ook onvoldoende gelukt om tot de noodzakelijke ontwikkeling te komen. Het recidiverisico is onverminderd hoog, zowel buiten de inrichting als zonder duidelijke kaders binnen de inrichting.

De behandeldoelen zijn bijgesteld naar het extern bijsturen van betrokkene en het opbouwen en versterken van duurzame en stabiele beschermende factoren, zoals een woonplek en werk.

Sinds de laatste verlenging van de PIJ-maatregel zijn er verschillende incidenten geregistreerd, zoals positieve urinecontroles (middelengebruik) en meerdere onttrekkingen, waardoor het verlof van betrokkene is stopgezet.

Inmiddels is op gedragsniveau een positieve lijn zichtbaar. Vanuit extrinsieke motivatie volgt betrokkene interventies (alleen) om verder te komen in zijn traject. Bij voldoende duidelijkheid en perspectief lukt het betrokkene om de functionele werkrelatie vast te houden, zich begeleidbaar op te stellen en de positieve lijn op gedragsniveau vast te houden en te versterken. De duidelijke kaders van de inrichting (structuur, duidelijkheid, toezicht en controle) zijn daarbij onmisbaar.

De toelichting van de deskundigen tijdens de zitting

Het traject verloopt met vallen en opstaan. Betrokkene beschikt over voldoende vaardigheden om zich redelijk aan de afspraken te houden, maar dan moeten de verwachtingen voor betrokkene duidelijk zijn en moet hij voldoende perspectief kunnen ervaren. Zodra het perspectief vervaagt of als het te lang duurt voordat hij het perspectief ervaart, verliest betrokkene zijn motivatie en maakt hij keuzes die voor hemzelf nadelig zijn. Het behandelteam moet dan telkens plannen wijzigen om betrokkene zo goed mogelijk geresocialiseerd te krijgen. De verlenging van de PIJ-maatregel is nodig om het STP op te starten, en een baan en een woonplek te vinden. De PIJ-maatregel kan maximaal met negen maanden worden verlengd. Die tijd zal hard nodig zijn om alles te kunnen realiseren. Het was wellicht wenselijk geweest als het STP eerder had kunnen starten, zodat het langer had kunnen duren, maar de reclassering heeft hierover eerder een negatief advies uitgebracht. Het is voor betrokkene het beste om een baan te vinden in zijn uitstroomregio (Almere), maar die baan is lastiger te vinden zolang betrokkene in [instelling 1] ( [verblijfplaats] ) verblijft. Het is onduidelijk wanneer de woonplek bij [instelling 2] beschikbaar is. Een tussentijds verblijf in een [instelling 3] in Amsterdam totdat de plek bij [instelling 2] beschikbaar is, is gezien het hoge recidiverisico van betrokkene geen mogelijkheid. Het is nog de vraag of negen maanden genoeg zullen zijn.

De beoordeling door de rechtbank

Voor een verlenging van de PIJ-maatregel is vereist dat:

- de maatregel is opgelegd ter zake van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen;

- de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de maatregel eist;

- de verlenging van de maatregel in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van betrokkene.

Op basis van het verlengingsadvies en de toelichting van de deskundige ter zitting is de rechtbank van oordeel dat aan de vereisten is voldaan en dat verlenging van de PIJ-maatregel is geïndiceerd. De maatregel is opgelegd voor een misdrijf dat gevaar veroorzaakt voor personen (diefstal met geweld in vereniging en afpersing). Vanwege het nog steeds hoge recidiverisico en het daarin gelegen gevaar voor de veiligheid van anderen is een verlenging van de maatregel noodzakelijk. Ook is een verlenging in het belang van een zo gunstig mogelijke ontwikkeling van betrokkene. Betrokkene heeft nog begeleiding nodig om zichzelf staande te kunnen houden buiten de inrichting. De PIJ-maatregel moet dus naar het oordeel van de

rechtbank worden verlengd. De maximale duur van negen maanden verlenging is nodig om het STP te starten en praktische zaken te regelen.

Gelet op het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat de PIJ-maatregel conform het advies moet worden verlengd met een termijn van negen maanden.

Op grond van artikel 6:6:31, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering moet de rechtbank in de beslissing tot verlenging van de maatregel aangeven wanneer de maatregel (na verlenging) onvoorwaardelijk eindigt. De maatregel begon op 5 juni 2021 en eindigt zonder verlenging voorwaardelijk op 7 september 2026. De rechtbank verlengt de maatregel nu met negen maanden. Als de maatregel daarna niet opnieuw wordt verlengd en zich geen situaties voordoen waardoor de termijn van de maatregel tijdelijk wordt stopgezet (bijvoorbeeld weglopen), eindigt de maatregel voorwaardelijk op 4 juni 2027 en onvoorwaardelijk op 4 juni 2028.

De rechtbank merkt op dat zij bij de berekening van deze data heeft aangesloten bij artikel 88 van het Wetboek van Strafrecht, waaruit volgt dat onder een maand wordt verstaan 30 dagen en dat zij zich bij die berekening heeft gebaseerd op de stukken die zich nu in het dossier bevinden.

De rechtbank neemt bij haar beslissing de desbetreffende wetsartikelen in aanmerking.

Beslissing

De rechtbank:

verlengt de termijn van de plaatsing in een inrichting voor jeugdigen van [betrokkene] , voornoemd, voor een periode van negen maanden.

Deze beslissing is gegeven door mr. M.W. Stoet, voorzitter, tevens kinderrechter, mr. M.G.J. Post en mr. A. Bril, als kinderrechters in tegenwoordigheid van mr. H.J. Damen, griffier, en uitgesproken tijdens de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 29 september 2026.

mr. Stoet is buiten staat

deze beslissing te ondertekenen.