Civiel recht overig

Opmerking(en): foutieve meterstanden; correctie; verrijking

Rechtbank Groningen, 8 november 2012

Zaakgegevens

Op 8 november 2012 heeft de Rechtbank Groningen in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Groningen
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
8 november 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
547178 CV EXPL 12-5368
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGRO:2012:BY9430
E-mail

Samenvatting

Opmerking(en): foutieve meterstanden; correctie; verrijking

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Groningen

Zaak\rolnummer: 547178 CV EXPL 12-5368

Vonnis d.d. 8 november 2012

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Essent Retail Energie B.V.,

statutair gevestigd te 's-Hertogenbosch,

eiseres, hierna Essent te noemen,

gemachtigde GGN Tijhuis & Partners incasso & gerechtsdeurwaarders, gevestigd te Meppel,

tegen

[naam],

wonende te [plaatsnaam], [adres],

gedaagde, hierna [A] te noemen,

in persoon procederende.

PROCESGANG

De procesgang blijkt uit het volgende:

- dagvaarding

- conclusie van antwoord

- conclusie van repliek

- conclusie van dupliek

Partijen hebben producties in het geding gebracht.

Vonnis is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

De feiten

In conventie en in reconventie

1.1 Als gesteld en erkend, dan wel niet (gemotiveerd) weersproken, alsmede op grond van de

in zoverre onbetwiste inhoud van de overgelegde producties staat het volgende vast.

1.2 Essent heeft aan [A] tot 20 juni 2010 nutsvoorzieningen geleverd ten behoeve van het perceel [adres] te [plaatsnaam].

1.3 Op de overeenkomst zijn de algemene voorwaarden van Essent van toepassing.

1.4 Met ingang van 21 juni 2010 is [A] voor de levering van gas en elektriciteit overgestapt naar E.ON.

1.5 Op 7 juli 2010 heeft Essent de eindafrekening d.d. 20 juni 2010 ten bedrage van

€ 6.089,75 aan [A] verstuurd. Deze factuur is door [A] onbetaald gelaten.

1.6 Door Essent is bij de eindafrekening als eindstand voor het gas 10.798 m3 gehanteerd, terwijl E.ON van een beginstand van 1.079 m3 is uitgegaan.

1.7 Op 15 juli 2010 heeft E.ON een correctierekening aan [A] verstuurd met betrekking tot het verschil in de meterstanden. Een bedrag van € 5.202,44 is aan [A] gecrediteerd.

1.8 [A] heeft het bedrag van € 5.202,44 op 1 augustus 2011 terugbetaald aan E.ON.

De vordering

In conventie

Essent vordert, na vermindering van eis, de veroordeling van [A] tot betaling van

€ 5.603,75 aan hoofdsom, vermeerderd met buitengerechtelijke kosten (€ 700,00) en rente

(tot 5 juni 2012 becijferd op € 282,11).

In reconventie

[A] vordert de veroordeling van Essent tot betaling van € 12.000,00 aan kosten. Daarnaast vordert [A] immateriële schade.

Het standpunt van Essent

In conventie

3.1 De hoogte van het, in de eindafrekening gevorderde, elektriciteitsverbruik wordt

door [A] niet betwist. Essent heeft de eindafrekening opgesteld op basis van de

eindmeterstand die met betrekking tot het gasverbruik in het meetregister is vastgelegd. De

nieuwe leverancier van [A] heeft de eindmeterstand gecorrigeerd en een bedrag van

€ 5.202,44 terugbetaald. Dit bedrag had [A] moeten gebruiken ter betaling van de

eindafrekening van Essent.

3.2 Aangezien de correctierekening van de nieuwe leverancier € 486,00 te laag was, is Essent bereid dit bedrag te verminderen op de vordering.

3.3 [A] dient op grond van de toepasselijke voorwaarden tevens de rente en de buitengerechtelijke kosten te betalen.

Het standpunt van [A]

In conventie

4.1 [A] is bereid te betalen, echter alleen voor het daadwerkelijke verbruik.

4.2 Na de overstap is de eindafrekening van Essent op basis van een foutieve eindmeterstand

opgemaakt. E.ON heeft daarna een correctie doorgevoerd en een bedrag van € 5.202,44 aan

[A] betaald. [A] is het niet eens met de hoogte van dit bedrag. Doordat E.ON uit is

gegaan van een ander tarief dan Essent is er een verschil ontstaan van € 486,00. [A] is

van mening dat de leveranciers onderling hun fouten dienen te herstellen. Daarom heeft hij

de betaling teruggeboekt.

4.3 Essent dient in de kosten van de procedure veroordeeld te worden.

In reconventie

4.4 Essent dient een bedrag van € 12.000,00 aan [A] te betalen ter vergoeding van zijn

kosten. Daarnaast dient zijn immateriële schade vergoed te worden.

De beoordeling

In conventie

5.1 Partijen zijn verdeeld over het antwoord op de vraag of [A], na vermindering van eis

door Essent, een bedrag van € 5.603,75 aan Essent ter zake de eindafrekening dient te

betalen. De kantonrechter oordeelt als volgt.

5.2 [A] is bereid om te betalen voor het daadwerkelijke verbruik. Vast staat echter dat bij

het opstellen van de eindafrekening uitgegaan is van foutieve meterstanden, waardoor die

(veel) te hoog is uitgevallen. Dit is door de nieuwe leverancier, E.ON, gecorrigeerd met een

bedrag van € 5.202,44.

5.3 Essent heeft gesteld dat [A] dit bedrag diende aan te wenden ter betaling van de

onderhavige eindafrekening. [A] heeft gemotiveerd gesteld dat hij het bedrag van

€ 5.202,44 aan E.ON heeft terugbetaald, aangezien hij het niet eens was met de hoogte van

dit bedrag. Essent heeft de terugbetaling van [A] aan E.ON niet betwist. Het

moet er dan ook voor worden gehouden dat [A] het geld niet meer onder zich heeft, zodat

hij het ook niet kan aanwenden ter betaling van de onderhavige vordering.

5.4 In het licht van het vorenstaande is de kantonrechter van oordeel dat niet van [A]

gevergd kan worden dat hij de onderhavige vordering betaalt. Doordat de eindafrekening van

Essent gebaseerd is op foutieve meterstanden, [A] het correctiebedrag dat hij van E.ON

heeft ontvangen niet meer onder zich heeft en hij dus niet verrijkt is. Omdat het onduidelijk

is welk bedrag het daadwerkelijke verbruik vertegenwoordigt, is de vordering onvoldoende

onderbouwd. Bij toewijzing van de vordering zou [A] onevenredig benadeeld worden.

Essent zal dan ook met E.ON contact moeten opnemen voor de juiste eindafrekening. De

vordering zal worden afgewezen.

5.5 Aangezien de kantonrechter van oordeel is dat de vordering dient te worden afgewezen,

behoeven de overige stellingen geen bespreking.

In reconventie

5.6 Bij conclusie van dupliek heeft [A] een reconventionele vordering ter hoogte van

€ 12.000,00 ingediend, nog te verhogen met immateriële schade. De reconventionele

vordering had echter, conform artikel 137 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering,

dadelijk bij antwoord ingesteld moeten worden. Nu hier niet aan is voldaan zal de vordering

niet-ontvankelijk worden verklaard.

In conventie en in reconventie

5.7 Gelet op de uitkomst van de procedure zal de kantonrechter de proceskosten

compenseren.

BESLISSING

De kantonrechter:

in conventie

wijst de vordering af;

in reconventie

verklaart de vordering niet-ontvankelijk;

in conventie en in reconventie

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten heeft te dragen.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. van den Noort, kantonrechter, en op 8 november 2012 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: ko