Strafrecht overig

De rechtbank heeft in de hoofdzaak op vordering van de officier van justitie de schorsing van de vervolging…

Rechtbank Haarlem, 3 september 2009

Zaakgegevens

Op 3 september 2009 heeft de Rechtbank Haarlem in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
3 september 2009
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
15/971007-08
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBHAA:2009:BK7943
E-mail

Samenvatting

De rechtbank heeft in de hoofdzaak op vordering van de officier van justitie de schorsing van de vervolging op de voet van het bepaalde in artikel 16 van het Wetboek van Strafvordering uitgesproken. Doel en strekking van artikel 16 van het Wetboek van Strafvordering brengen met zich mee dat tevens een schorsing van de vervolging dient te volgen in de ontnemingsprocedure.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Meervoudige Kamer

Tegenspraak

Parketnummer: 15/971007-08

Uitspraakdatum: 3 september 2009

beslissing (ex artikel 16 Sv)

1. Vordering

Deze beslissing heeft betrekking op de vordering van de officier van justitie d.d. 7 januari 2009 ten aanzien van de feiten in de zaak onder bovenstaand parketnummer, strekkende tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e lid 2 van het Wetboek van Strafrecht tot een maximum van € 24.850,00 in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres].

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken waaronder het met deze vordering samenhangende strafdossier en de in het kader van de schriftelijke voorbereiding tussen de officier van justitie en de raadsman van verdachte gewisselde conclusies.

2. Schorsing der vervolging.

De rechtbank heeft in de hoofdzaak op vordering van de officier van justitie de schorsing van de vervolging op de voet van het bepaalde in artikel 16 van het Wetboek van Strafvordering uitgesproken.

Doel en strekking van artikel 16 van het Wetboek van Strafvordering brengen met zich mee dat tevens een schorsing van de vervolging dient te volgen in de ontnemingsprocedure.

3. Beslissing.

De rechtbank schorst de vervolging in de procedure tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

4. Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Deze beslissing is gegeven door:

mr. M.Th. Goossens, voorzitter,

mrs. M.J. Kronenberg en E.P.W. van de Ven, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffiers mr. R.A. Blaas en B.H.E. Zuidam

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 september 2009.