Arbeidsrecht
Ontbinding vanwege een verstoorde arbeidsverhouding.
Rechtbank Limburg, 16 november 2022
ECLI:NL:RBLIM:2022:10391 · Rechtbank Limburg · 16 november 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/arbeidsrecht/beschikking/ecli-nl-rblim-2022-10391
Zaakgegevens
Op 16 november 2022 heeft de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 16 november 2022
- Datum publicatie
- 22 december 2022
- Zaaknummer
- Zaak: 10118534 AZ 22-93
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2022:10391
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Ontbinding vanwege een verstoorde arbeidsverhouding.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer 10118534 AZ VERZ 22-93
Beschikking van 16 november 2022
in de zaak van
[verzoekster]
wonend te [woonplaats]
verzoekster
gemachtigde mr. A.C. Dabekaussen
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [verweerster]
gevestigd te [vestigingsplaats]
verweerster
gemachtigde mr. B.M.M. Hepkema
Partijen worden hierna [verzoekster] en [verweerster] genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
het verzoekschrift
-
het verweerschrift
-
de mondelinge behandeling op 2 november 2022
-
de mondelinge behandeling op 14 november 2022, waarvan proces-verbaal is opgemaakt.
Ten slotte is beschikking bepaald op vandaag.
2 De feiten
[verzoekster] is op grond van een arbeidsovereenkomst sinds 1 mei 2014 in dienst van [verweerster] . Zij vervult de functie van allround medewerker tegen een brutoloon van € 2.042,01 bruto per maand te vermeerderen met 8% vakantietoeslag.
3 Het geschil
[verweerster] verzoekt de arbeidsovereenkomst met [verzoekster] te ontbinden
per 1 december 2022 wegens een zodanig verstoorde arbeidsverhouding dat van haar in redelijkheid niet verlangd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.
[verzoekster] heeft verweer gevoerd maar niettemin wel erkend dat sprake is van de door [verweerster] gestelde verstoorde arbeidsverhouding.
4 De beoordeling
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stellingen van partijen voortvloeit dat, zonder dat [verzoekster] daarvan een verwijt valt te maken, de arbeidsverhouding tussen partijen zodanig verstoord is dat van [verweerster] in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Verder staat vast dat herplaatsing van [verzoekster] in een andere passende functie binnen de organisatie van [verweerster] niet mogelijk is en dat het verzoek geen verband houdt met een opzegverbod. De arbeidsovereenkomst zal daarom op grond van art. 7:671b lid 1 onder a en 7:669 lid 3 onder g BW ontbonden worden per
1 december 2022.
De proceskosten zullen worden gecompenseerd in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
5 De beslissing
De kantonrechter
ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst per 1 december 2022,
compenseert de kosten van deze procedure in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.M. Drenth en is in het openbaar uitgesproken.
BM