Strafrecht overig
Verdachte heeft zijn huisgenoot met een mes in zijn buik gestoken, en zich daarmee schuldig gemaakt aan een…
Rechtbank Midden-Nederland, 8 februari 2023
ECLI:NL:RBMNE:2023:469 · Rechtbank Midden-Nederland · 8 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/strafrecht/strafrecht-overig/beschikking/ecli-nl-rbmne-2023-469
Zaakgegevens
Op 8 februari 2023 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Lelystad
- Datum uitspraak
- 8 februari 2023
- Datum publicatie
- 8 februari 2023
- Zaaknummer
- 16.038482.22
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:469
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verdachte heeft zijn huisgenoot met een mes in zijn buik gestoken, en zich daarmee schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag. Omdat verdachte psychotisch was (met paranoïde- en beïnvloedingswanen) kan dit feit niet aan hem worden toegerekend, en wordt hij ontslagen van alle rechtsvervolging. Wel wordt aan verdachte een zorgmachtiging opgelegd voor de (in eerste instantie) maximale duur van zes maanden. Ook moet hij schade betalen aan het slachtoffer (€ 10.000,- immaterieel en € 520,80 materieel).
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Lelystad
Parketnummer: 16.038482.22
Zorgmachtiging - artikel 2.3, eerste lid, van de Wet forensische zorg (Wfz) juncto artikel 6:5, aanhef en onderdeel a, van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz)
Beschikking van de rechtbank tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wvggz, ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [1998] te [geboorteplaats] (Roemenië),
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd in de [verblijfplaats] ,
hierna: betrokkene.
1 Procesverloop
De officier van justitie heeft de mogelijkheid tot het verlenen van een zorgmachtiging ten behoeve van betrokkene laten onderzoeken. De officier van justitie heeft een verzoekschrift ingediend tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene voor de duur van zes maanden. Met betrekking tot het verlenen van een zorgmachtiging heeft de rechtbank de volgende stukken ontvangen:
-
de zorgkaart van 11 januari 2023, opgemaakt door zorgverantwoordelijke S.R.C. van Noort;
-
het zorgplan/behandelplan van 20 januari 2023, opgemaakt door S.R.C. van Noort voornoemd;
-
de bevindingen van geneesheer-directeur C.M.C. ten Noever de Brauw van 23 januari 2023;
-
de politiegegevens en de strafvorderlijke en justitiële gegevens van betrokkene die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van het ernstig nadeel.
Verder zijn bij de beoordeling van het afgeven van een zorgmachtiging van belang:
-
de Pro Justitia-rapportage van 28 december 2022, opgemaakt door H.T.J. Boerboom, psychiater, en G.M. Jansen, GZ-psycholoog, beiden verbonden aan het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie, locatie Pieter Baan Centrum, Psychiatrische Observatiekliniek te Almere (hierna: het PBC-rapport);
-
het rapport van Reclassering Nederland te Utrecht van 19 januari 2023, opgemaakt door H.M.D. Bloemen, reclasseringswerker;
-
de overige inhoud van het dossier in de strafzaak met voornoemd parketnummer.
De bespreking van de mogelijkheid tot het opleggen van een zorgmachtiging heeft - gelijktijdig met de inhoudelijke behandeling van de strafzaak tegen betrokkene - plaatsgevonden op 25 januari 2023.
Ter zitting waren aanwezig en zijn gehoord:
-
officier van justitie mr. A.E. Lohuis;
-
betrokkene;
-
de raadsvrouw van betrokkene mr. E.I.B. Hoffman, advocaat te Hilversum.
Vervolgens is de beschikking bepaald op heden.
2 Standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft in de strafzaak gevorderd om betrokkene te ontslaan van alle rechtsvervolging. Zij heeft gevorderd het verzoek tot het afgeven van een zorgmachtiging voor de duur van zes maanden volgens de Wvggz toe te wijzen.
3 Standpunt van betrokkene
De raadsvrouw van betrokkene heeft in de strafzaak verzocht om betrokkene te ontslaan van alle rechtsvervolging. Zij heeft bepleit een zorgmachtiging af te geven voor de duur van zes maanden. Betrokkene is bereid zijn medewerking te verlenen aan zorg. Verzocht wordt om aan elke insluiting en het daarbij uit te oefenen toezicht een maximale duur van veertien dagen te verbinden.
4 Beoordeling
Op grond van artikel 2.3 van de Wfz komt de rechter de bevoegdheid toe een zorgmachtiging af te geven.
Uit het PBC-rapport en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, vooralsnog geclassificeerd als een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis. Daarnaast is sprake van een stoornis in het gebruik van cannabis, licht van ernst. Ten tijde van het bewezenverklaarde is sprake geweest van een in ernst toenemende psychotische episode met paranoïde en beïnvloedingswanen.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:
-
levensgevaar voor of ernstig lichamelijk letsel van een ander;
-
de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
De rechtbank overweegt hierbij dat betrokkene thans in preventieve hechtenis verblijft vanwege de in de strafzaak met voornoemd parketnummer bewezenverklaarde poging tot doodslag van een huisgenoot. Dit incident heeft plaatsgevonden terwijl betrokkene verkeerde in een psychotische episode.
Om:
-
ernstig nadeel af te wenden;
-
de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren;
-
de geestelijke gezondheid van betrokkene dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint,
heeft betrokkene verplichte zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. De rechtbank overweegt dat betrokkene zijn problematiek niet, althans onvoldoende erkent maar ter zitting heeft verklaard bereid te zijn mee te werken aan zorg, ook in de vorm van het nemen van medicatie. Dat hij op dit moment daartoe bereid is blijkt uit de omstandigheid dat betrokkene reeds is gestart met het innemen van medicatie. De rechtbank acht verplichte zorg nodig, mede gelet op het beperkte ziektebesef van betrokkene. De rechtbank baseert de vormen van zorg op het onder 1.1. genoemde PBC-rapport van de betreffende psychiater en psycholoog, het zorgplan/behandelplan en het advies van de geneesheer-directeur.
De rechtbank zal bepalen dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen, voor na te noemen duur:
|
Vorm van zorg |
Duur |
|
toedienen van vocht, toedienen van voeding, toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles, het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening |
6 maanden |
|
beperken van de bewegingsvrijheid |
6 maanden |
|
insluiten |
6 maanden |
|
uitoefenen van toezicht op betrokkene |
6 maanden |
|
onderzoek aan kleding of lichaam |
6 maanden |
|
onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen |
6 maanden |
|
controleren op de aanwezigheid van gedrag beïnvloedende middelen |
6 maanden |
|
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen |
6 maanden |
|
beperken van het recht op het ontvangen van bezoek |
6 maanden |
|
opnemen in een accommodatie |
6 maanden |
De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste zorg is rekening gehouden met de veiligheid van betrokkene en met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen. De rechtbank ziet geen aanleiding om de verzochte vormen van zorg te beperken. Hetgeen de raadsvrouw in dat verband heeft aangevoerd, maakt dat niet anders. De rechtbank gaat ervan uit dat het insluiten en uit te oefenen toezicht hoe dan ook niet langer zal duren dan op dat moment uiterst noodzakelijk.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
De rechtbank komt tot de conclusie dat is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend.
De verschillende vormen van zorg kunnen voor de hieronder gestelde termijnen worden toegepast. Deze termijnen zijn noodzakelijk om het doel van verplichte zorg te realiseren.
5 Beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van
[betrokkene] , geboren op [1998] te [geboorteplaats] (Roemenië),
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
|
Vorm van zorg |
Duur |
|
toedienen van vocht, toedienen van voeding, toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles, het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening |
6 maanden |
|
beperken van de bewegingsvrijheid |
6 maanden |
|
insluiten |
6 maanden |
|
uitoefenen van toezicht op betrokkene |
6 maanden |
|
onderzoek aan kleding of lichaam |
6 maanden |
|
onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen |
6 maanden |
|
controleren op de aanwezigheid van gedrag beïnvloedende middelen |
6 maanden |
|
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen |
6 maanden |
|
beperken van het recht op het ontvangen van bezoek |
6 maanden |
|
opnemen in een accommodatie |
6 maanden |
Deze zorgmachtiging is geldig voor de duur van zes maanden, te weten uiterlijk tot en met
7 augustus 2023.
Deze zorgmachtiging is bij voorraad uitvoerbaar. De machtiging is geldig vanaf dagtekening en moet binnen twee weken ten uitvoer worden gelegd.
Deze beschikking is gegeven door mr. H.B.W. Beekman, voorzitter, mr. W. Foppen en
mr. E.G. de Jong, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.R. Horst, griffier, en is uitgesproken op de openbare zitting van 8 februari 2023.
mrs. Foppen en Horst zijn buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.
Tegen de beschikking van deze rechtbank staat voor betrokkene en officier van justitie beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen door een advocaat middels het indienen van een verzoekschrift bij de griffie van de Hoge Raad, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking.