Burgerlijk procesrecht
Herstelvonnis van een vonnis in incident. Herstel kennelijke schrijffout.
Rechtbank Noord-Holland, 16 oktober 2024
ECLI:NL:RBNHO:2024:10503 · Rechtbank Noord-Holland · 16 oktober 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/bodemzaak/ecli-nl-rbnho-2024-10503
Zaakgegevens
Op 16 oktober 2024 heeft de Rechtbank Noord-Holland in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 16 oktober 2024
- Datum publicatie
- 14 oktober 2024
- Zaaknummer
- C/15/351561 / HA ZA 24-210
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2024:10503
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Herstelvonnis van een vonnis in incident. Herstel kennelijke schrijffout.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rolnummer: C/15/351561 / HA ZA 24-210
Herstelvonnis van 16 oktober 2024
in de zaak van
[eiser] ,
wonende te [plaats 1],
eisende partij,
advocaat mr. R. de Lange te Gendringen,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [plaats 2],
gedaagde partij,
advocaat mr. L.M. van Schuylenburch te Amsterdam.
Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden.
1 Het verzoek tot verbetering
Bij brief van 23 september 2024 is namens [eiser] de rechtbank verzocht om verbetering van het op 24 juli 2024 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat het bedrag in de toegewezen proceskostenveroordeling in het dictum in overeenstemming wordt gebracht met het bedrag dat overeenkomstig de begroting r.o. 4.19 van het vonnis zal worden toegewezen.
De rechtbank heeft mr. Van Schuylenburch in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Mr. Van Schuylenburch heeft laten weten op dit verzoek niet inhoudelijk te willen reageren.
2
2. De beoordeling
De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 24 juli 2024 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.
3 De beslissing
De rechtbank
bepaalt dat nr. 5.2 van het op 24 juli 2024 tussen [eiser] en [gedaagde] gewezen vonnis, waar staat
“5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten van het incident van € 3.846,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,”
wordt gewijzigd in
“5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten van het incident van € 1.735,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,”,
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 16 oktober 2024 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 24 juli 2024,
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 24 juli 2024 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H. Schotman en in het openbaar uitgesproken op 16 oktober 2024.