Burgerlijk procesrecht
Vonnis in incident tot vrijwaring
Rechtbank Noord-Holland, 5 juni 2024
ECLI:NL:RBNHO:2024:4875 · Rechtbank Noord-Holland · 5 juni 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/bodemzaak/ecli-nl-rbnho-2024-4875
Zaakgegevens
Op 5 juni 2024 heeft de Rechtbank Noord-Holland in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 5 juni 2024
- Datum publicatie
- 17 mei 2024
- Zaaknummer
- C/15/344495 / HA ZA 23-542
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2024:4875
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vonnis in incident tot vrijwaring
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rolnummer: C/15/344495 / HA ZA 23-542
Vonnis in incident van 5 juni 2024
in de zaak van
1. de vennootschap naar het recht van de plaats harer vestiging
XL INSURANCE COMPANY SE,
tevens handelend onder de naam AXA,
gevestigd althans kantoorhoudende te Parijs (Frankrijk),
2. de vennootschap naar het recht van de plaats harer vestiging
AIG EUROPE SA,
gevestigd althans kantoorhoudende te Luxemburg (Luxemburg),
3. de vennootschap naar het recht van de plaats harer vestiging
ALLIANZ GLOBAL CORPORATE & SPECIALTY,
gevestigd althans kantoor houdende te München (Duitsland),
eiseressen in de hoofdzaak,
verweersters in het incident,
advocaat mr. R.L. Latten te Rotterdam,
tegen
1. de rechtspersoon naar vreemd recht
AIRBRIDGECARGO AIRLINES LLC,
gevestigd te Moskou (Rusland),
gedaagde in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
niet verschenen,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MENZIES AVIATION (CARGO) B.V.,
tevens handelend onder de naam MENZIES WORLD CARGO (NEDERLAND) B.V.
gevestigd te Haarlemmermeer en kantoorhoudende te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. G.J.H. de Vos te Rotterdam,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MENZIES WORLD CARGO (AMSTERDAM) B.V.,
gevestigd te Haarlemmermeer en kantoorhoudende te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. G.J.H. de Vos te Rotterdam.
Partijen zullen hierna worden genoemd eiseressen AXA c.s. en gedaagden ABC en Menzies c.s.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
de dagvaarding met producties
-
de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring van de zijde van Menzies c.s.
-
de akte tot referte in het incident van de zijde van AXA c.s.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
2 De beoordeling in het incident
In de hoofdzaak vorderen AXA c.s. als verzekeraars schadevergoeding van gedaagden in verband met een aantal zendingen Apple-producten die tijdens vervoer van China naar Schiphol verloren zijn gegaan. De vordering richt zich tegen ABC als luchtvaarmaatschappij en Menzies c.s. als ground handling agent van ABC.
Menzies c.s. vorderen dat hen wordt toegestaan ABC in vrijwaring op te roepen. Menzies c.s. stellen dat op de grondafhandelingsdiensten die zij voor AXA c.s. heeft verricht de IATA Standard Ground Handling Agreemeent (IATA SGHA) van toepassing zijn en dat ABC op grond van artikel 8.1 van die voorwaarden als carrier gehouden is om Menzies c.s. als handling company te vrijwaren voor mogelijke claims van derden met betrekking tot schade aan of verlies van goederen die ABC ten vervoer door de lucht in ontvangst heeft genomen.
AXA c.s. refereren zich aan het oordeel van de rechtbank.
Voor toewijzing van een incidentele vordering tot vrijwaring is vereist dat de gewaarborgde zich beroept op een rechtsverhouding met een derde, die meebrengt dat die derde verplicht is om de nadelige gevolgen van de beslissing in de hoofdzaak tegen de gewaarborgde te dragen. Het bestaan van die rechtsverhouding behoeft in het vrijwaringsincident niet te worden aangetoond.
De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen omdat de aangevoerde en niet weersproken gronden de incidentele vordering kunnen dragen.
Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
3 De beslissing
De rechtbank
in het incident
staat toe dat ABC, gevestigd althans kantoor houdende te Mezhdunarodnoe road 28B, building 3, Business center ‘Skypoint’, 141411 Moskou (Rusland) wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van 21 augustus 2024,
compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
in de hoofdzaak
verwijst de zaak naar de rol van 21 augustus 2024 voor beraad door de rechtbank over de voortgang van de zaak,
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 5 juni 2024.