Verbintenissenrecht

Luchtvaartclaim. Nederlandse rechter is niet bevoegd om van het verzoek kennis te nemen.

Rechtbank Noord-Holland, 22 februari 2023

Zaakgegevens

Op 22 februari 2023 heeft de Rechtbank Noord-Holland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Haarlem
Datum uitspraak
22 februari 2023
Datum publicatie
3 maart 2023
Zaaknummer
9381600 \ CV FORM 21-5380
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:1888
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Luchtvaartclaim. Nederlandse rechter is niet bevoegd om van het verzoek kennis te nemen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 9381600 \ CV FORM 21-5380

Uitspraakdatum: 22 februari 2023

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

1 [passagier sub 1]

2. [passagier sub 2]
beiden wonende te [woonplaats]

verzoekende partij

verder te noemen: de passagiers

gemachtigde: mr. R.A.C. Telkamp (EUclaim B.V.)

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands recht

TAP Air Portugal

gevestigd te Lissabon (Portugal)

verwerende partij

verder te noemen: de vervoerder

gemachtigden: mr. P.C.X. de Leede en mr. L.E. Schalk

1 Het verdere procesverloop

1.1.

In de tussenbeschikking van 28 september 2022 (hierna: de tussenbeschikking) zijn de passagiers in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de bevoegdheid van de Nederlandse rechter. De passagiers hebben niet gereageerd.

2 De verdere beoordeling

2.1.

De kantonrechter blijft bij wat in de tussenbeschikking is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen.

2.2.

Er is op basis van artikel 33, eerste lid, van het Verdrag van Montreal geen aanknopingspunt voor bevoegdheid van de Nederlandse rechter. Het Verdrag van Montreal bevat ook geen regeling als bedoeld in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken. De kantonrechter zal zich daarom onbevoegd verklaren.

2.3.

Naar het oordeel van de kantonrechter moeten de proceskosten bij deze uitkomst voor rekening van de passagiers komen en dienen ook de nakosten voor rekening van de passagiers te komen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De verzochte rente is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

verklaart zich onbevoegd om van het verzoek kennis te nemen;

3.2.

veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 199,00 aan salaris gemachtigde en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 99,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking tot aan de dag van de algehele voldoening.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open