Verbintenissenrecht

Ambtshalve toetsing. Prijsbeding niet transparant, maar niet oneerlijk. Incassokostenbeding oneerlijk en…

Rechtbank Noord-Holland, 4 juni 2026

Zaakgegevens

Op 4 juni 2026 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Haarlem
Datum uitspraak
4 juni 2026
Datum publicatie
8 juni 2026
Zaaknummer
11828873 \ CV EXPL 25-2271
Procedure
Verstek
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2026:6706
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Ambtshalve toetsing. Prijsbeding niet transparant, maar niet oneerlijk. Incassokostenbeding oneerlijk en wordt daarom vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Zaanstad

Zaaknr./rolnr.: 11828873 \ CV EXPL 25-2271

Uitspraakdatum: 4 juni 2026

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[eiser] B.V.

te [plaats]

de eisende partij

gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor H.J. Jansen B.V.

tegen

[gedaagde]

te [plaats]

de gedaagde partij

niet verschenen

1 De verdere procedure

1.1.

Bij tussenvonnis van 9 april 2026 heeft de kantonrechter de eisende partij in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de transparantie van het prijsbeding en om de toepasselijke algemene voorwaarden te overleggen. Daartoe heeft de eisende partij op 7 mei 2026 een akte genomen.

2 De verdere beoordeling

Het prijsbeding

2.1.

De eisende partij heeft bij akte gesteld dat zij op haar website een pagina met ‘tarieven tandheelkundige zorg’ heeft. Deze pagina wordt jaarlijks aangepast aangezien ieder jaar nieuwe tarieven gelden. De tarieven worden vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De tarieven worden door de KNMT (beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen in Nederland) aan de beroepsgroep gecommuniceerd. Wanneer een klant zich aanmeldt, wordt door de eisende partij contact met deze klant opgenomen om een afspraak in te plannen. Voordat de eisende partij met een behandeling begint, worden altijd de geschatte kosten en mogelijke behandelopties besproken zodat de klant precies weet wat zij kan verwachten en de klant een weloverwogen beslissing kan nemen over de tandheelkundige zorg. Dit is tevens terug te lezen op de website, aldus de eisende partij.

2.2.

De kantonrechter oordeelt dat dit prijsbeding niet transparant is, omdat de tarievenlijst van de NZa niet vooraf aan de gedaagde partij is verstrekt. Bovendien is het maar de vraag of de patiënt in staat is om op basis van deze tarievenlijst de prijs voor de behandeling vast te stellen. Echter, omdat de eisende partij de behandelingskosten berekent aan de hand van de door de NZa vastgestelde tarieven is naar het oordeel van de kantonrechter per definitie geen sprake van een oneerlijk beding. Het prijsbeding wordt dus in stand gelaten.

De algemene voorwaarden

2.3.. In het tussenvonnis is de eisende partij ook in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de eventuele oneerlijkheid van de daarin opgenomen bedingen die verband houden met de vordering. De eisende partij heeft bij akte de toepasselijke algemene voorwaarden overgelegd, maar zich niet uitgelaten over deze bedingen.

2.4.

In artikel 12 van de algemene voorwaarden staat een incassokostenbeding. Dat luidt als volgt:

’10. Indien de patiënt niet binnen 14 dagen na de datum van de betalingsherinnering heeft betaald, is de zorgverlener gerechtigd incassomaatregelen te treffen dan wel derden daarmee te belasten. Vanaf dat moment is de patiënt per maand of een gedeelte daarvan de wettelijke rente verschuldigd, berekend over de periode van verzuim.

11. Indien de zorgverlener een tweede en eventuele daaropvolgende betalingsherinnering stuurt, is de zorgverlener gerechtigd kosten in rekening te brengen.


12. Alle gerechtelijke en/of buitengerechtelijke incassokosten, die verband houden met het innen van de gedeclareerde bedragen, komen voor rekening van de patiënt. De buitengerechtelijke incassokosten worden vastgesteld conform het Besluit Vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. BTW die in verband met incassowerkzaamheden aan de zorgverlener in rekening wordt gebracht, zal worden doorberekend aan de patiënt.’

2.5.

In voornoemd beding wordt ten nadele van de consument afgeweken van het bepaalde in artikel 6:96 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De tekst van het beding biedt de eisende partij namelijk de mogelijkheid om 14 dagen na de datum van de betalingsherinnering al incassomaatregelen te nemen en (ook) deze kosten in rekening te brengen als na een tweede herinnering niet betaald wordt, terwijl de wettekst voorschrijft dat de incassokosten pas ná het verstrijken van de in de veertiendagenbrief genoemde termijn verschuldigd zijn. De termijn vangt aan vanaf het moment dat de gedaagde partij de veertiendagenbrief heeft ontvangen. Contractuele afwijking van dwingendrechtelijke bepalingen is, op grond van het arrest van de Hoge Raad van 10 februari 2023 onredelijk bezwarend in de zin van art. 6:233, aanhef en onder a, BW en daarmee oneerlijk in de zin van de richtlijn.

2.6.

Het rentebeding in artikel 10 van de algemene voorwaarden is door de kantonrechter getoetst en niet oneerlijk bevonden.

Wat is toewijsbaar?

2.7.

De gevorderde hoofdsom en rente worden toegewezen, omdat deze vorderingen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden gelet op het voorgaande afgewezen.


Conclusie en proceskosten

2.8.

De vordering wordt grotendeels toegewezen.

2.9.

De gedaagde partij wordt overwegend in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten voor de genomen akte blijven echter voor rekening van de eisende partij, omdat het aan haarzelf te wijten is dat het nodig was deze akte op te stellen. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 43,50 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 368,96, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 361,18 vanaf 8 juli 2025 tot aan de dag van de gehele betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 119,40;

griffierecht € 135,00;

salaris gemachtigde € 87,00;

3.3.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van € 43,50 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt;

3.4.

verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.5.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

De NZa heeft de wettelijke taak om prestaties en tarieven vast te stellen voor de zorg, die gebruikt worden voor de bekostiging van de zorg. Dit is vastgelegd in de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). De NZa stelt beleidsregels vast voor het vaststellen van prestaties en tarieven en voert kostprijsonderzoeken uit om de tarieven te bepalen, met uitzondering van sectoren met vrije tarieven. De NZa stelt jaarlijks tijden en tarieven voor prestatiecodes vast en beschrijft behandelingen (prestaties) die in contracten tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders worden vastgelegd. Voor bepaalde behandelingen gelden maximumtarieven. De NZa voert ook updates uit van bekostigingen en indexeert tarieven. KNMT Betalingsvoorwaarden tandheelkundige zorg 19 december 2012.