Civiel recht overig
aanbesteding met tussenkomende partij. Het ligt op de weg van een inschrijver om aan hem kenbare mogelijke…
Rechtbank Oost-Brabant, 23 september 2013
ECLI:NL:RBOBR:2013:5935 · Rechtbank Oost-Brabant · 23 september 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-oost-brabant/civiel-recht/civiel-recht-overig/kort-geding/ecli-nl-rbobr-2013-5935
Zaakgegevens
Op 23 september 2013 heeft de Rechtbank Oost-Brabant in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Oost-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 23 september 2013
- Datum publicatie
- 29 oktober 2013
- Zaaknummer
- C/01/264493 / KG ZA 13-399
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2013:5935
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
aanbesteding met tussenkomende partij.
Het ligt op de weg van een inschrijver om aan hem kenbare mogelijke onregelmatigheden aan de orde te stellen in een stadium waarin deze kunnen worden gecorrigeerd met zo gering mogelijke consequenties voor het verloop van de aanbestedingsprocedure .
Vast staat dat eiseres haar bezwaren ten aanzien van de inschrijvingen eerst ná de gunningsbesluiten naar voren heeft gebracht. Het had haar weg gelegen om haar bezwaren eerder aan de orde te stellen. Nu zij zulks heeft nagelaten, gaat het niet aan om thans, geconfronteerd met een voornemen tot gunning van twee gebieden aan elk van de BAM-maatschappijen, in een kort gedingprocedure deze beweerdelijke misstanden aan de kaak te stellen. Eiseres heeft haar rechten terzake verwerkt.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK OOST-BRABANT
Handelsrecht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rolnummer: C/01/264493 / KG ZA 13-399
Herstelvonnis van 23 september 2013
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiseres] B.V,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in de tussenkomst,
ook aan te duiden als [eiseres] ,
advocaat mr. J.F. van Nouhuys te Rotterdam,
en
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gevoegde partij a/z van eiseres] B.V,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
gevoegde partij aan de zijde van eiseres,
ook aan te duiden als [gevoegde partij a/z van eiseres] ,
advocaat mr. J.F. van Nouhuys te Rotterdam,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ENEXIS B.V,
gevestigd te Rosmalen,
gedaagde in de hoofdzaak,
verweerster in de tussenkomst,
ook aan te duiden als Enexis,
advocaat mr. J.H.J. Bax te Nijmegen,
In welke zaak zijn tussengekomen
1 de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BAM INFRATECHNIEK ZUID B.V,
gevestigd te Bunnik,
eiseres in de tussenkomst,
en
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BAM INFRATECHNIEK MIDDEN-WEST B.V,
gevestigd te Bunnik,
eiseres in de tussenkomst,
advocaten mrs. P.F.C. Heemskerk en M.W. Speksnijder te Utrecht.
1 Het verzoek tot verbetering
Bij brief van 10 september 2013 heeft mr. J.H.J. Bax namens Enexis de voorzieningenrechter verzocht om verbetering van het op 3 september 2013 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat daar waar onder punt 5.2 van het vonnis staat vermeld “aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op € 1.391,00” moet komen te staan: “aan de zijde van Enexis tot op heden begroot op € 1.391,00”, alsmede dat daar waar onder punt 5.3 van het vonnis staat vermeld “onder de voorwaarde dat [eiseres] en [A] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan” moet komen te staan: “onder de voorwaarde dat [eiseres] en [gevoegde partij a/z van eiseres] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan”.
De voorzieningenrechter heeft [eiseres] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten.
Bij brief van 16 september 2013 heeft mr. Van Nouhuys namens [eiseres] aan de voorzieningenrechter bericht dat volgens [eiseres] geen sprake is van een kennelijke verschrijving nu Enexis eerst 24 uur voor de zitting een herbeoordeling aan [eiseres] ter beschikking heeft gesteld. Tijd voor een beoordeling of overleg was er volgens [eiseres] niet zodat [eiseres] geen andere keuze restte dan een kort gedingprocedure aanhangig te maken. Het is dan ook alleszins redelijk dat Enexis in de proceskosten wordt veroordeeld, aldus [eiseres] .
2 De beoordeling
Anders dan [eiseres] , is de voorzieningenrechter van oordeel dat in het vonnis van 3 september 2013 sprake is van twee kennelijke schrijffouten, die zich voor eenvoudig herstel lenen. Over het argument van [eiseres] dat Enexis eerst 24 uur voor de zitting een herbeoordeling ter beschikking heeft gesteld waardoor [eiseres] genoodzaakt was dit kort geding doorgang te laten vinden, heeft de voorzieningenrechter in het vonnis van
3 september 2013 (rechtsoverweging 4.13) reeds geoordeeld dat dit argument [eiseres] niet kan baten. De voorzieningenrechter heeft in diezelfde rechtsoverweging vervolgens geconcludeerd dat [eiseres] en [gevoegde partij a/z van eiseres] in de proceskosten moeten worden veroordeeld.
Gezien het voorgaande zal de voorzieningenrechter het verzoek toewijzen als volgt.
3 De beslissing
De voorzieningenrechter:
bepaalt dat rechtsoverweging 5.2. van het op 3 september 2013 tussen partijen gewezen vonnis, waar staat “aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op
€ 1.391,00” wordt gewijzigd in “aan de zijde van Enexis tot op heden begroot op
€ 1.391,00”.
bepaalt dat rechtsoverweging 5.3. van het op 3 september 2013 tussen partijen gewezen vonnis, waar staat “onder de voorwaarde dat [eiseres] en [A] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan” wordt gewijzigd in “onder de voorwaarde dat [eiseres] en [gevoegde partij a/z van eiseres] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan”.
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 23 september 2013 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 3 september 2013,
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 3 september 2013 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Loesberg en in het openbaar uitgesproken op 23 september 2013.