Civiel recht overig

De wrakingskamer verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk. Verzoek tot wraking kwam nadat…

Rechtbank Overijssel, 4 augustus 2021

Zaakgegevens

Op 4 augustus 2021 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Almelo
Datum uitspraak
4 augustus 2021
Datum publicatie
10 augustus 2021
Zaaknummer
269315 KG RK 21-365
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2021:3162
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De wrakingskamer verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk. Verzoek tot wraking kwam nadat betreffende rechter einduitspraak had gedaan.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

Wrakingskamer

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer: 269315 KG RK 21-365

Beslissing van 4 augustus 2021

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoekster tot wraking,

hierna te noemen: [verzoeker] ,

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Bij brief van 20 juli 2021, ingekomen ter griffie van deze rechtbank, locatie Zwolle, op 26 juli 2021, heeft [verzoeker] het verzoek tot wraking gedaan van mr. K. de Leeuwen, rechter in deze rechtbank en in die hoedanigheid belast geweest met de behandeling van de zaak die is geregistreerd onder C/08/256810 / JE RK 20-1977.

2 De beoordeling

2.1.

Wraking is een verzoek om een voor de behandeling van de zaak aangewezen rechter doen vervangen door een andere rechter. Een verzoek tot wraking kan in beginsel in elke stand van de procedure worden gedaan, mits de behandeling van de zaak nog niet is geëindigd door het wijzen van een einduitspraak. Na afloop van de zaak, dus na de genomen en uitgesproken beslissing, kan de rechter die de zaak heeft behandeld niet meer worden vervangen. De onpartijdigheid kan daarom alleen vóór de beslissing worden getoetst, maar niet meer naderhand.

2.2.

De wrakingskamer stelt vast dat [verzoeker] het verzoek tot wraking pas heeft gedaan nadat bij beschikking van 3 december 2020 einduitspraak is gedaan en dat geen andere zaken aanhangig zijn waarbij [verzoeker] betrokken is en mr. van Leeuwen de behandelend rechter is.

2.3.

Het voorgaande brengt mee dat [verzoeker] met inachtneming van artikel 5 lid 2 sub d van het wrakingsprotocol van deze rechtbank niet-ontvankelijk zal worden verklaard. Het horen van [verzoeker] kan naar het oordeel van de wrakingskamer niet bijdragen aan de beoordeling van dit verzoek, aangezien [verzoeker] wegens een formele reden

niet-ontvankelijk wordt verklaard. Van het houden van een zitting wordt daarom afgezien.

3 De beslissing

De wrakingskamer:

3.1.

verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in haar verzoek tot wraking.

Deze beslissing is gegeven door de mrs. U. van Houten, A.M. Rikken en H.T. Pos, in tegenwoordigheid van de griffier en in openbaar uitgesproken op 4 augustus 2021.

de griffier de voorzitter

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.