Civiel recht overig

Twist tussen twee boerenfamilies.

Rechtbank Overijssel, 10 februari 2014

Zaakgegevens

Op 10 februari 2014 heeft de Rechtbank Overijssel in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Almelo
Datum uitspraak
10 februari 2014
Datum publicatie
10 februari 2014
Zaaknummer
C/08/151555 / KG ZA 14-38
Procedure
Kort geding
Advocaat
mr. G.J in 't Veld te Apeldoorn, mr. P.H.A. Mulder te Almelo
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2014:618
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Twist tussen twee boerenfamilies.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer: C/08/151555 / KG ZA 14-38

datum vonnis: 10 februari 2014 (sr)

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Overijssel, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

1 [eiser],

wonende te [woonplaats],

2. [eiseres],

wonende te [woonplaats],

eisers,

verder gezamenlijk te noemen [eiser],

advocaat: mr. G.J. in 't Veld te Apeldoorn,

tegen

1 [gedaagde 1],

wonende te [woonplaats],

2. [gedaagde 2],

wonende te [woonplaats],

3.de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Riola B.V.,

gevestigd te Geesteren,

gedaagden,

gedaagden sub 1 en 2 verder gezamenlijk te noemen [gedaagde 1],

gedaagde sub 3 verder te noemen Riola,

advocaat: mr. P.H.A. Mulder te Almelo.

1 Het procesverloop

1.1

Het procesverloop blijkt uit:

  • de dagvaarding van 31 januari 2014;

  • de producties van [gedaagde 1] en Riola;

  • de aanvulling van eis van 3 februari 2014 met producties;

  • de mondelinge behandeling van 4 februari 2014;

  • de pleitnota van [eiser];

  • de pleitnota van [gedaagde 1] en Riola;

  • de aanvulling van eis van 7 februari 2014 met productie;

  • de voortgezette mondelinge behandeling van 7 februari 2014.

1.2

Het vonnis is bepaald op vandaag.

2 De beoordeling van het geschil en de motivering van de beslissing

2.1

Bij de dagvaarding zijn de wettelijke formaliteiten in acht genomen.

2.2

Heden wordt zonder nadere motivering op het door [eiser] gevorderde beslist. De motivering van de voorzieningenrechter volgt later.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter:

I. Veroordeelt [gedaagde 1] en Riola om de gehele veestapel op de kortst mogelijke termijn en tegen maximale opbrengst, met inachtneming van alle wettelijke voorschriften en de levenscyclus waarin de veestapel zich bevindt, te verkopen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 per geval, te vermeerderen met € 500,00 per dag of dagdeel indien hieraan niet wordt voldaan, zulks tot een maximum van € 200.000,00;

II. Veroordeelt [gedaagde 1] en Riola, elk afzonderlijk en hoofdelijk, elke ontvangen betaling of opbrengst of vergoeding in welke vorm dan ook ontvangen in verband met een verkoop van de veestapel of een deel daarvan of andere activa behorend tot de verkochte onderneming, te storten op de kwaliteitsrekening van een door [eiser] aan te wijzen notaris, die deze bedragen en/of goederen zal uitbetalen of overdragen aan die partij, die daartoe blijkens onvoorwaardelijke overeenkomst tussen partijen dan wel gerechtelijke uitspraak of partijen anderszins bindende vaststelling gerechtigd zal blijken te zijn, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 per geval, te vermeerderen met € 500,00 per dag of dagdeel indien hieraan niet wordt voldaan, zulks tot een maximum van € 200.000,00;

III. Veroordeelt [gedaagde 1], elk afzonderlijk en hoofdelijk, om binnen vijf dagen na dagtekening van dit vonnis die werkzaamheden te doen verrichten aan de stallen, die in overleg met AID benodigd zijn om gedwongen afvoer van de resterende veestapel te voorkomen tot het moment van algehele leegverkoop en conform alle toepasselijke wettelijke vereisten en alle in de branche gebruikelijke methoden, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 per geval, te vermeerderen met € 500,00 per dag of dagdeel indien hieraan niet wordt voldaan, zulks tot een maximum van € 200.000,00;

IV. Verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

V. Compenseert de kosten van deze procedure in die zin dat ieder van partijen de eigen kosten draagt;

VI. Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. M.M. Lorist, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 februari 2014, in tegenwoordigheid van de griffier.