Omgevingsrecht
Spoedsluiting (vanwege een explosie) van een bedrijfspand op grond van artikel 174a, eerste lid en onder b…
Rechtbank Rotterdam, 21 oktober 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:14430 · Rechtbank Rotterdam · 21 oktober 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/bestuursrecht/omgevingsrecht/mondelinge-uitspraak/ecli-nl-rbrot-2026-14430
Zaakgegevens
Op 21 oktober 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 21 oktober 2026
- Datum publicatie
- 21 oktober 2026
- Zaaknummer
- ROT 26/8304
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- Mondelinge uitspraakMondelinge uitspraakDe rechter doet direct aan het eind van de zitting uitspraak; die wordt vastgelegd in een proces-verbaal.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2026:14430
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Spoedsluiting (vanwege een explosie) van een bedrijfspand op grond van artikel 174a, eerste lid en onder b van de Gemeentewet. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de burgemeester in de gegeven omstandigheden het algemeen belang zwaarder heeft mogen laten wegen dan de door de gemachtigde van verzoekster naar voren gebrachte belangen van het bedrijf.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 26/8304
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 oktober 2026 in de zaak tussen
[bedrijf] B.V., uit [plaats] , verzoekster
(gemachtigde: H.R. Ferreira Gomes),
en
de burgemeester van Rotterdam, de burgemeester
(gemachtigde: mr. S.B.H. Fijneman).
Samenvatting
1. Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over de spoedsluiting van het pand aan [adres 1] in [plaats] (het pand). Verzoekster is het hier niet mee eens en heeft bezwaar gemaakt en daarbij verzocht tot het treffen van een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
Procesverloop
2. Met het bestreden besluit van 16 oktober 2026 heeft de burgemeester het pand met spoed gesloten voor de duur van twee weken. Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 21 oktober 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigden van partijen.
Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter op 21 oktober 2026 onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Waar gaat het om in deze zaak?
3. Verzoekster is eigenaar van het pand aan [adres 1] . Op 15 oktober 2026, omstreeks 02:12 uur, is melding gedaan van een explosie ter hoogte van de portiek gelegen aan [adres 2] in [plaats] . De politie heeft bij aankomst gezien dat de portiekdeuren lichte schade hadden en de muur zwartgeblakerd was. Op vrijdag 16 oktober 2026, omstreeks 03:45 uur, kregen politiemedewerkers meerdere meldingen dat een explosie had plaatsgevonden bij het pand aan [adres 1] in Rotterdam. Bij aankomst zagen politiemedewerkers omwonenden in nachtkleding op straat staan. De politie zag verder dat voor de voordeur van dit pand zwart geblakerd was en het glas in de voordeur was gebarsten. Rechtsonder de voordeur woedde nog een klein vlammetje. De politie zag op de deur het opschrift [naam] . Gelet op de sporen leek het alsof een fles vloeibare brandstof met een cobra een explosie had veroorzaakt. De deur van het pand was deels vernield. Ook lagen er stukjes verbrand plastic voor de voordeur. De bevindingen zijn neergelegd in de bestuurlijke rapportage van 16 oktober 2026.
Spoedeisend belang
4. Een procedure bij de voorzieningenrechter is een spoedprocedure. Een voorlopige voorziening kan alleen worden getroffen als er een spoedeisend belang is, waardoor iemand niet kan wachten op een beslissing op diens bezwaar- of beroepschrift. De voorzieningenrechter moet eerst bepalen of er sprake is van een spoedeisend belang, voordat de zaak inhoudelijk kan worden beoordeeld.
5. Verzoekster heeft hierover aangevoerd dat de sluiting tot gevolg heeft dat de bedrijfsvoering is verstoord en erdoor wordt belemmerd. Van belang is ook dat de gemachtigde van verzoekster geen klanten en relaties kan ontvangen. De voorzieningenrechter ziet hierin een voldoende spoedeisend belang.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
6. De voorzieningenrechter moet beoordelen of het bezwaar van verzoekster voldoende kans van slagen heeft en zo ja, of dat gezien de betrokken belangen moet leiden tot het treffen van een voorziening totdat op het bezwaar is beslist.
7. De burgemeester baseert het besluit op artikel 174a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Gemeentewet. Op grond van dat artikel is de burgemeester bevoegd een bedrijfspand te sluiten als door ernstig geweld, of bedreiging daarmee, in of in de onmiddellijke nabijheid van het pand of het erf, de openbare orde rond het pand of het erf ernstig wordt verstoord of ernstige vrees bestaat voor het ontstaan van een zodanige verstoring.
8. In deze zaak is sprake van twee ernstige incidenten waardoor de openbare orde is verstoord. Vanwege deze incidenten is de burgemeester in beginsel ook bevoegd om een het pand van verzoekster te sluiten.
9. Voorts zal moeten worden onderzocht in hoeverre de sluiting noodzakelijk en evenwichtig is.
10. De voorzieningenrechter vindt dat de burgemeester voldoende heeft onderbouwd waarom er een noodzaak is om het pand te sluiten. Het bestreden besluit is gebaseerd op de bestuurlijke rapportage van 16 oktober 2026. Er hebben twee incidenten plaatsgevonden, op 15 en 16 oktober 2026. Eén was gericht op de toegangsdeur voor de woningen met [huisnummers] en één op het naastgelegen pand van verzoekster. De burgemeester gaat uit van een mogelijk verband tussen beide incidenten. Hoewel uit het bestreden besluit niet blijkt wat het verband is tussen deze incidenten is ter zitting gebleken dat de politie nog steeds onderzoek doet naar beide incidenten en het verband daartussen. Ook heeft een buurtonderzoek plaatsgevonden. De voorzieningenrechter kan de burgmeester dan ook volgen dat een sluiting van een periode van twee weken noodzakelijk is om onderzoek te doen naar beide incidenten.
11. De sluiting van het pand is ingrijpend voor verzoekster en heeft consequenties voor het bedrijf. De voorzieningenrechter is echter van oordeel dat de burgemeester in de gegeven omstandigheden het algemeen belang van de handhaving van de openbare orde en de veiligheid en daarmee ook het belang van de omwonenden, die tot twee keer toe met een explosie werden geconfronteerd, zwaarder heeft mogen laten wegen dan de door de gemachtigde van verzoekster naar voren gebrachte belangen van het bedrijf.
De burgemeester heeft daarbij ook oog gehad voor de belangen van verzoekster door de sluiting van het pand op dit moment te beperken tot twee weken. De voorzieningenrechter vindt de sluiting dan ook niet onevenwichtig.
12. De voorzieningenrechter verwacht dat het bestreden besluit in bezwaar in stand kan blijven, zodat er op dit moment geen aanleiding is voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Conclusie en gevolgen
13. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Dat betekent dat de burgemeester het pand gesloten mag houden tot 30 oktober 2026. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
14. Partijen zijn erop gewezen dat tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet open staat.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.G.L. de Vette, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. H. Sabanovic, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2026.
|
griffier |
voorzieningenrechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: