Arbeidsrecht

Arbeidszaak. Ontbinding arbeidsovereenkomst i.v.m. verstoorde arbeidsovereenkomst, ondanks opzegverbod, want…

Rechtbank Rotterdam, 18 oktober 2023

Zaakgegevens

Op 18 oktober 2023 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
18 oktober 2023
Datum publicatie
2 februari 2024
Zaaknummer
10605858
Rechtsgebied
Civiel recht Arbeidsrecht
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2023:12789
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Arbeidszaak. Ontbinding arbeidsovereenkomst i.v.m. verstoorde arbeidsovereenkomst, ondanks opzegverbod, want het verzoek houdt geen verband met omstandigheden die daarop betrekking hebben.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 10605858 VZ VERZ 23-7387

datum uitspraak: 18 oktober 2023

Beschikking van de kantonrechter

in de zaak van

Lineage NL 3 TRS B.V.,

vestigingsplaats: Rotterdam,

verzoekster,

verweerster in het voorwaardelijke tegenverzoek,

gemachtigden: mr. M. Ritmeester en mr. J.A.M. Schellekens,

tegen

[persoon01] ,

woonplaats: [woonplaats01] ,

verweerder,

verzoeker in het voorwaardelijke tegenverzoek,

gemachtigde: mr. K. Weijers.

De partijen worden ‘Lineage’ en ‘ [persoon01] ’ genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

  • het verzoekschrift van Lineage, met bijlagen 1 tot en met 12;

  • het verweerschrift van [persoon01] met voorwaardelijk tegenverzoek, met bijlagen 1 tot en met 16;

  • de brief en e-mail van Lineage van 21 september 2023, met bijlagen 12 tot en met 23 (lees: 13 tot en met 24);

  • de spreekaantekeningen van de gemachtigden van partijen en de door mr. Weijers bij de mondelinge behandeling overgelegde ondertekende laatste pagina van het verweerschrift.

1.2.

Op 27 september 2023 is de zaak tijdens een mondelinge behandeling besproken. Daarbij waren aanwezig:

- [naam01] , [naam02] en [naam03] voor Lineage, met mr. Ritmeester en mr. Schellekens,

- [persoon01] , in het bijzijn van zijn echtgenote en dochter, met mr. Weijers.

2 De beoordeling

2.1.

Lineage wijzigt haar standpunt en verzoekt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden per 1 december 2023 omdat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding. Volgens Lineage is dit niet aan [persoon01] te wijten.

2.2.

[persoon01] heeft eerst verweer gevoerd tegen ontbinding van de arbeidsovereenkomst, maar ontkent niet langer dat de arbeidsverhouding is verstoord. [persoon01] refereert zich aan het oordeel van de kantonrechter over de ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

2.3.

De kantonrechter stelt vast, gelet op de processtukken en wat ter zitting is besproken, dat de arbeidsverhouding tussen partijen inderdaad ernstig en duurzaam is verstoord en dat het daardoor niet meer mogelijk is om samen te werken. Dit is een redelijke grond en herplaatsing ligt niet voor de hand (artikel 7:669 lid 1 en 3 sub g BW). Er is sprake van een opzegverbod, maar partijen zijn het er over eens dat het verzoek geen verband houdt met omstandigheden waarop dat opzegverbod betrekking heeft en de kantonrechter heeft geen aanleiding om daar anders over te denken. Daarom wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden (artikel 7:671b lid 1 onder a, lid 2 en lid 6 BW). De einddatum wordt vastgesteld op 1 december 2023 (artikel 7:671b lid 9 onder a BW).

2.4.

De kantonrechter ziet in de omstandigheden aanleiding om aan [persoon01] ten laste van Lineage een beëindigingsvergoeding van € 110.000,- bruto toe te kennen, waarin de transitievergoeding is begrepen en tevens een tegemoetkoming in de juridische kosten van

€ 15.000,-. Tevens wordt bepaald dat [persoon01] het (netto equivalent van deze) bedragen uiterlijk op 1 januari 2024 dient te ontvangen.

2.5.

De kantonrechter bepaalt dat partijen de eigen proceskosten dragen. Dat betekent dat zij geen vergoeding hoeven te betalen voor de kosten die de andere partij voor deze rechtszaak heeft gemaakt.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

ontbindt de arbeidsovereenkomst per 1 december 2023;

3.2.

veroordeelt Lineage om uiterlijk op 1 januari 2024 € 110.000,- bruto aan beëindigingsvergoeding te betalen aan [persoon01] en € 15.000,- exclusief btw als tegemoetkoming in de juridische kosten;

3.3.

bepaalt dat partijen de eigen kosten dragen;

3.4.

wijst af het anders of meer verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.H. Poiesz en in het openbaar uitgesproken.

465