Civiel recht overig
arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht? Kantonrechter niet bevoegd op grond van arbitragebeding.
Rechtbank Rotterdam, 31 augustus 2021
ECLI:NL:RBROT:2021:10128 · Rechtbank Rotterdam · 31 augustus 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/civiel-recht-overig/proces-verbaal/ecli-nl-rbrot-2021-10128
Zaakgegevens
Op 31 augustus 2021 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 31 augustus 2021
- Datum publicatie
- 18 oktober 2021
- Zaaknummer
- 9212015 \ VZ VERZ 21-8269
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Proces-verbaalProces-verbaalHet schriftelijke verslag van de zitting, soms met de mondelinge uitspraak van de rechter erin.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2021:10128
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht? Kantonrechter niet bevoegd op grond van arbitragebeding.
Procesgang
Rechtbank Rotterdam · 31 augustus 2021deze uitspraak
ECLI:NL:RBROT:2021:10128
Gerechtshof Den Haag · 20 december 2022
ECLI:NL:GHDHA:2022:2504Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 december 2023
ECLI:NL:PHR:2023:1208Hoge Raad · 2 februari 2024
ECLI:NL:HR:2024:151
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
zaaknummer: 9212015 \ VZ VERZ 21-8269
datum: 31 augustus 2021
proces-verbaal van mondelinge uitspraak ex artikel 30p Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,
in de zaak van
[naam verzoeker],
wonende te [woonplaats verzoeker],
verzoeker, tevens verweerder,
gemachtigde: mr. M.A.M. Lem,
tegen
de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid opgericht naar buitenlands recht
EY Advisory Netherlands LLP,
gevestigd te Londen,
verweerster, tevens verzoekster,
gemachtigden: mr. P.H.E. Voûte en mr. Y. el Harchaoui.
Partijen worden hierna aangeduid als “[naam verzoeker]” respectievelijk “EY”.
Aanwezig is mr. A.J.M. van Breevoort, kantonrechter, bijgestaan door mr. I. el Bouchibti, griffier.
Na uitroeping van de zaak verschijnen:
[naam verzoeker] in persoon, bijgestaan door zijn gemachtigde;
[naam 1], [naam 2] en [naam 3] namens EY, bijgestaan door de advocaten mr. P.H.E. Voûte en mr. I. Veerkamp.
De kantonrechter gaat over tot de mondelinge behandeling.
De zaak is met partijen besproken. Daarbij hebben partijen hun standpunten ten aanzien van het onbevoegdheidsverweer van EY nader toegelicht. De kantonrechter heeft de zitting voor korte tijd geschorst. Na hervatting van de zitting heeft de kantonrechter op de voet van artikel 30p van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in aanwezigheid van beide partijen mondeling uitspraak gedaan. Deze luidt als volgt.
De gronden van de beslissing
Als uitgangspunt geldt de AN Admission Agreement, waarbij sprake is van een driepartijen-overeenkomst tussen EY, [naam bedrijf], als EYAN Partner, en [naam verzoeker] in persoon, als EYAN Professional. Uit het verweer van EY blijkt dat ook EY verschil maakt tussen de bv van [naam verzoeker] en [naam verzoeker] als natuurlijk persoon. De AN Admission Agreement vormt de basis voor de rechtsbetrekking die partijen zijn aangegaan. In artikel 7 van deze overeenkomst is, vrij vertaald, opgenomen dat elk geschil dat voortvloeit uit de AN Admission Agreement, zal worden opgelost met inachtneming van artikel 25 van de AN Rules. In artikel 25 lid 1 onder 1 van de AN Rules is opgenomen dat alle geschillen worden beslist door het Nederlands Arbitrage Instituut. De kantonrechter concludeert derhalve op grond van artikel 1022 Rv dat hij niet bevoegd is om van het onderhavige geschil kennis te nemen.
[naam verzoeker] wordt veroordeeld in de proceskosten van EY, tot aan deze uitspraak begroot op € 498,00.
De beslissing
De kantonrechter:
verklaart zich onbevoegd;
veroordeelt [naam verzoeker] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van EY begroot op € 498,00 aan salaris voor de gemachtigde.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal dat door de kantonrechter is ondertekend.
757