Insolventierecht

verzoek failliet verklaring op eigen aangifte afgewezen

Rechtbank Rotterdam, 29 november 2013

Zaakgegevens

Op 29 november 2013 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
29 november 2013
Datum publicatie
3 februari 2014
Zaaknummer
C/10/438797 / FT EA 13/2806
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2013:10796
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

verzoek failliet verklaring op eigen aangifte afgewezen

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team Insolventie

Rekestnummer: C/10/438797 / FT EA 13/2806

BESCHIKKING op het verzoek van:

[verzoeker],

wonende aan het [adres 1]

[woonplaats],

voorheen handelend onder de naam:

[handelsnaam],

gevestigd te [adres 2] [plaats],

verzoeker,

strekkende tot zijn (op eigen aangifte) faillietverklaring.

1 De procedure

Verzoeker is op 26 november 2013 in raadkamer gehoord. De uitspraak is bepaald op heden.

2 De beoordeling

Het doel van een faillissement is het verwezenlijken van een gemeenschappelijk verhaal op het gehele vermogen van de schuldenaar ten behoeve van zijn gezamenlijke schuldeisers.

Verzoeker heeft niet aannemelijk gemaakt dat er voldoende baten aanwezig zijn of zullen zijn om de kosten van het faillissement te bestrijden, laat staan dat enige uitkering aan schuldeisers valt te verwachten. Zijn faillissement dient daarom geen door de Faillissementswet beschermd belang. Het verzoek tot faillissementsverklaring wordt daarom afgewezen.

3 De beslissing

De rechtbank:

- wijst af het verzoek tot faillietverklaring.

Deze beschikking is op 29 november 2013 gegeven door mr. W. Reinds, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Verberne, griffier.

Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.