Personen- en familierecht

Wet zorg en dwang (Wzd), rechterlijke machtiging, 24 Wzd, afgewezen, vrijwilligheid

Rechtbank Rotterdam, 18 december 2020

Zaakgegevens

Op 18 december 2020 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
18 december 2020
Datum publicatie
5 februari 2021
Zaaknummer
C/10/609016 / FA RK 20-9432
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2020:12941
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wet zorg en dwang (Wzd), rechterlijke machtiging, 24 Wzd, afgewezen, vrijwilligheid

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/609016 / FA RK 20-9432

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 18 december 2020 betreffende een rechterlijke machtiging tot voortzetting van het verblijf als bedoeld in artikel 24 van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (hierna: Wzd)

op verzoek van:

het CIZ,

met betrekking tot:

[naam cliënt] ,

geboren op [geboortedatum cliënt] , [geboorteplaats cliënt] ,

hierna: cliënt,

wonende en verblijvende in Careyn, verpleeghuis de Plantage te Brielle,

advocaat mr. H. van der Wal te Rotterdam.

1. Procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen ter griffie op 2 december 2020.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 18 december 2020. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:

  • cliënt met haar hiervoor genoemde advocaat;

  • [naam] , verzorgende, verbonden aan Careyn.

2. Beoordeling

Cliënt verblijft sinds 2 oktober 2020 zonder machtiging in het verpleeghuis. De verzorgende licht toe dat cliënt soms wel zegt weg te willen, maar dan snel te overtuigen is om in het verpleeghuis te blijven. Cliënt geeft tijdens de mondelinge behandeling aan in de instelling te willen verblijven. Er is daarom sprake van vrijwilligheid. Gelet op het voorgaande wordt het verzoek afgewezen.

3. Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 18 december 2020 mondeling gegeven door mr. F.J. Koningsveld, rechter, in tegenwoordigheid van M. Streefland, griffier en op 22 december 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.