Verbintenissenrecht
Geen vorderingsrecht. Afwijzing eis.
Rechtbank Rotterdam, 27 december 2024
ECLI:NL:RBROT:2024:13811 · Rechtbank Rotterdam · 27 december 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2024-13811
Zaakgegevens
Op 27 december 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 27 december 2024
- Datum publicatie
- 11 april 2025
- Zaaknummer
- 11236458 CV EXPL 24-18761
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:13811
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Geen vorderingsrecht. Afwijzing eis.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 11236458 CV EXPL 24-18761
datum uitspraak: 27 december 2024 (bij vervroeging)
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser] ,
woonplaats: Puttershoek, gemeente Hoeksche Waard,
eiser,
gemachtigde: mr. E. Voogt,
tegen
Dirk supermarkten B.V.,
vestigingsplaats: Alphen aan den Rijn,
gedaagde,
gemachtigde: mr. R.J. Mesland.
De partijen worden hierna ‘[eiser]’ en ‘Dirk’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
-
de dagvaarding van 15 juli 2024, met bijlagen;
-
het antwoord, met bijlagen;
-
de mails van partijen.
Op 20 december 2024 is een zitting gepland in deze zaak. Partijen zijn met kennisgeving niet verschenen. De zaak wordt op de stukken afgedaan.
2 De beoordeling
Afwijzing eis
De eis van [eiser] om Dirk te veroordelen tot betaling aan hem van € 4.729,58 aan schadevergoeding wordt afgewezen. Erkend is dat [eiser] geen vorderingsrecht heeft, omdat de auto waaraan volgens [eiser] schade is ontstaan in de garage bij de Dirk aan de Beijerlandse Passage te Rotterdam niet op zijn naam maar op naam van ELFI Holding B.V. staat.
Proceskosten
De proceskosten komen voor rekening van [eiser], omdat hij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt de kosten die [eiser] aan Dirk moet betalen vast op € 271,- aan salaris voor de gemachtigde (1 punt) en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 406,-. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. Geen reden is gezien om, zoals verzocht, bij het bepalen van de hoogte van de proceskosten rekening te houden met het voornemen om een nieuwe procedure te beginnen, waarin volgens [eiser] naar verwachting een gelijkluidend verweer zal worden gevoerd. Een en ander valt nog te bezien.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eiser] dat eist en Dirk daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv).